Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Pro rege - pagina 359

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Pro rege - pagina 359

of, Het koningschap van Christus. Eerste deel. Het koningschap van Christus in Zijn hoogheid

2 minuten leestijd

DE VLOEK OVER KAPERNAUM. zonder

geërgerd

„Heere des Hemels en der aarde", wat

hier aanroept als

Vader

zijn

konden inleven. Van daar dat Jezus

v^^orden,

te

353

op die hoogere ordinantie heenwijst, en daarop scherp tegenover zedelijke en geestelijke voorgangers in het

de

elkaar

stelt

leven,

„de wijzigen

gewone

verstandigen" en die ontblootc en daarom

en

openstaande gemoederen, die zich aan hem ontsloten, hier aange-

Om

met den naam van kinderkens.

duid

nog duidelijker

doen

te

uitkomen, dat hier van hoogere ordinantiën sprake was, voegt Jezus er

zelfs

bij:

want alzoo

Vader,

„Ja,

geweest het welbeliagen

is

voor U".

Deze

zielsverheffing

en niet

voor

anders hier

van

oor

in het

niet

Vader was blijkbaaar

het verborgen gefluisterd,

in

het

zijn

tot

jongeren

zijn

maar

maar

zich

Hoe zou laat

ze

ons

Jezus het

jongeren wendende, komt

zijn

tot

vervoering

in geestelijke

uitgesproken.

Evangelie kunnen bericht zijn? En nu

bij,

niet in stilte

hij

nu

tot deze allesbeslissende uitspraak: „Alle dingen zijn mij overgegeven

doemvonnis over Kapernaüm, omdat haar

van mijn

Vader." Zijn

inwoners

hem verworpen hadden, was

wachting, dat

komen zou

;

't

zoo gaan zou

;

niet

maar een ver-

niet slechts een profetie dat het

zoo

maar een rechterlijk vonnis, gesproken door wie macht

had

om

alle

dingen overgegeven van den Vader.

dat

hierin

alzoo

vonnissen

te

voor

nu op

Jezus

alzoo

zijn

zijn

want

;

jongeren

zijns

lag,

was

En

die macht, als

om

nog nader toe

geheel eenige positie.

hem waren

het verrassende, te

lichten, wijst

„Niemand kent den Zoon,

dan de Vader, noch iemand kent den Vader dan de Zoon, en wien het

Zoon

de

van

het

wil openbaren." Het gaat hier

het vellen van zulk een

de lieden Zijn

om

de verklaring niet

Goddelijk mysterie, maar van zijn macht, waardoor

in

doemvonnis gerechtigd was. Dit nu konden

Kapernaüm, dat konden

wondere macht

is

zelfs zijn

jongeren niet verstaan.

van dien aard, dat alleen de Vader die kent,

want onder menschen verstaat niemand wie de Zoon eenig

hangt 23

creatuur, 't

alleen

hij tot

de

is.

Niet een

Vader kent den Zoon. En hiermede nu

saam, dat ook niemand den Vader kent dan de Zoon, en

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911

Abraham Kuyper Collection | 579 Pagina's

Pro rege - pagina 359

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911

Abraham Kuyper Collection | 579 Pagina's