Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Onze eeredienst - pagina 366

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Onze eeredienst - pagina 366

2 minuten leestijd

BEDIENING VAN DEN HEILIGEN DOOP.

362

Ook is het zeer wel mogelijk, de warmte in het doophuis, waarin zulk doopvont staat, zoo op temperatuur te houden, dat het kindeke er niet onder behoeft te lijden. Toch zouden we niet durven aanraden, deswege aan de Grieksche gewoonte voorkeur te geven boven de besprenging. Men vestige er toch wel zijn aandacht op, dat met de invoering van den kinderdoop, geheel de actie van den Doop in haar verschijning wijziging onderging. Bij

den Doop van Johannes, en

der apostelen bediend werd, had

bij

men

den Doop die veelal in de dagen te doen met een handeling van

den doopeling zelve en juist die eigen handeling des doopelings viel met het in zwang komen van den kinderdoop geheel weg. De volwassen bekeerling meldde zichzelf aan. Hij vroeg om den Doop. Hem En hij was het, die dan ten slotte persoonlijk werd ze toegestaan. zelf in het water afdaalde, en straks weer uit het water opklom. Aldus ;

De handeling van 's menvan den bekeerde, en zoo kon het schen zijde bestond in de daad niet anders of ze vestigde meer de aandacht op zijn persoonlijke beDe keering, dan op de mystiek aan hem volbrachte wedergeboorte.

was de handeling

veel voller, veel rijker.

doopeling was niet passief, maar

merkend geboorte, blijft,

actief, terwijl

dit

toch juist het ken-

verschil tusschen wedergeboorte en bekeering

en

terwijl

ook

dus hij

in

is,

dat in alle

de wedergeboorte, de begenadigde passief

daarentegen

in

bekeering

voorkomt

als een actief

handelend persoon.

Doch

met den kinderdoop viel dat weg. Het pasgeboren evenmin als in de besnijdenis, zelf opstaan, toetreden en handelen. Het liep niet, maar werd gedragen. Het deed niets, maar onderging den doop. Er was geen sprake van iets actiefs. Van het begin tot het einde bleef het te doopen en het gedoopte kind lijdelijk, passief, stil verbeidend. Het jonge kindeke was pas geboren. De heugenis aan die pas plaats gehad hebbende geboorte trad vanzelf op den voorgrond. Niet zijn persoonlijke zonde, die het nog niet bedreven had, maar zijn erfzonde vroeg om afwassching. Van bekeering kon nog geen sprake zijn, alleen de wedergeboorte kon de zinbeeldige

wicht

natuurlijk,

kon,

uitdrukking vragen.

En zoo kwam

het, dat de overgang van den beden kinderdoop noodzakelijkerwijs den heiligen Doop op geheel andere wijze deed voorkomen, en deswege allengs om ge-

jaardendoop

tot

heel andere uitvoering vroeg.

Zoolang de volwassen man en de volwassen vrouw tot den Doop lag er iets schoons, iets verheffends, iets vol van uitdrukking

kwamen,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911

Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's

Onze eeredienst - pagina 366

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911

Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's