Onze eeredienst - pagina 307
:
EENHEID
IN
DE FREDICAT1E.
303
die de overgodsdienstigheid der Atheners prees, en zoo door hij
't
noemt, ze poogde
zelf
te
vangen.
list,
gelijk
Er moet ineen Gemeente, die
van slechtgeefsch goedgeefsch moet worden, gearbeid aan de omzetting van haar denkbeelden omtrent het aardsche goed, en gearbeid aan de gezindheid en den wil
men
Vat
geven.
tot
nu, over een jaar en
dit
meer verdeeld, zoo aan, dat men
gedurig op hetzelfde aanbeeld klopt, maar zonder van geven
door onze verhouding
enkel
door zachttrekkende aan, en ten
meet
af terstond
Er
er
zijn
Dominee
te
spreken,
bespreken, en inmiddels
de Gemeente wint, dan steekt
liefde
met
staat het
Gemeente
de
te
alle
misstanden
in
liefde
liefde
de zweep over heen
ook
laat,
dat
hij
dit
en dat
en zedelijk verkeerd vindt, en er nu van
geestelijk
wel
Een pre-
de Gemeente.
van eiken misstand op eens merken
diker, die in
goed
begint het vloeien van het geld vanzelf.
slotte
En zoo nu
tot het
legt,
de Gemeente,
in
stuit.
die dit roemen, en zeggen
Ook
zijn er wel die een harden zweepslag met een ruk uit hun ingeroeste zonde te worden opgeschrikt. Maar in den regel is de echte boetbazuin niet hol en luid en gezwollen van klank, maar scherp, fijn en doordringend en tot dat doordringende komt ge juist dan eerst, als ge minder naar het oor, en meer naar de consciƫntie zoekt, en bovenal, zoo ge toont, den nood der zonde en den nood des levens te verstaan.
durft
noodig hebben,
ze
aan.
om
als
;
Ook
dit laatste.
Vooral jonge predikanten, die nog weinig met geld getobd hebben,
kunnen velen
zich
er
vaak
geen
voorstelling
van maken, door wat nood
de Gemeente zoo vasthoudend aan hun geld geworden
in
zijn,
en wanen, dat den eersten den besten morgen elk onzer wel een mild
gever kon
Toch
zijn,
het
is
zoo
hij
zoo
maar wilde. Die vasthoudendheid
niet.
nood en verlegenheid en ingeworteld wantrouwen geld en goed met zich alles een open oog heeft, denlijk haast, zal
alle
in
maar
ten
allerlei
allerlei
te sterk leunen op En alleen de prediker, die voor dit Gemeente omstandig en onderschei-
die zijn
hij
een stuk arbeids van jaren voor zich heeft,
rijk
te
maken
in
Gemeente God.
los te
maken
uit
de booze
ten opzichte van het schraperig geven hier iets breeder
uitwerkten, geldt van alle geestelijke misstanden, en dan eerst zal
vrucht op
zijn
diep
deze opzichten bespiedt en bewerkt, die niet jaagt en
verstaat dat
Wat we nu
gevolg van
God, dat vanzelf
jegens brengt.
slotte er in slagen, zijn
strikken en ze
is
zorge voor de toekomst, en van
werk
zien, als
men
eerst ploegt,
dan
zaait,
dan
egt,
men dan
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's