Onze eeredienst - pagina 406
BEDIENING VAN DEN HEILIGEN DOOP.
402
daarmee verkreeg men toch niet het zelf willig indalen van den doopeling in den stroom en het uit dien stroom weer opkomen, als zinbeeld van het afleggen van wat men was, om als een nieuw schepsel in Die zinbeeldige beduidenis spreekt krachtig en Christus te herrijzen. duidelijk bij een volwassen persoon, die zelf afdaalt en opklimt, en weet waarom hij dit doet, maar valt geheel weg bij een kindeke van enkele dagen, dat zelf nog tot geen enkele levensuiting van dien aard in staat is. De tweede omstandigheid die de onderdompeling deed wegvallen, is
Wat Donau
het verschil in klimaat.
om nog maar
niet mogelijk in
niet heel het jaar door,
Dit kan
wachten.
dompelen
te
in
bij
de Jordaan mogelijk was,
is
daar-
Wel in enkele zomermaanden, en de Doop kan toch niet op den zomer of Rijn.
men nu wel ondervangen door den doopeling onder
een bassin, doch dit geeft dan het echte zinnebeeld
nocH hen die er bij toezien. En de derde omstandigheid was het gestaag toenemen van het aantal doopelingen, wat óf bij een rivier tot min gewenschte tooneelen aanleiding gaf, of den tijd vorderde die niet beschikbaar was. Zoo is de onderdompeling in het Westen vanzelf in onbruik geraakt, en vervangen door een eenvoudige symbolische acte, eerst de infusie, en
bevredigt noch den doopeling
toch
niet
later
de besprenging.
De het
zelf,
begieting of infusie bestond daarin, dat
gelaat
van
het
kindeke uitgoot.
Men
men driemalen water op
gaf hieraan boven de be-
sprenging voorkeur, omdat het water, waar het door het zinbeeld dan
op aankwam, aldus meer de aandacht trok. Het hoofd van het werd overgoten, kwam zoodoende een oogenblik onder het water, en als het water dan afliep, kwam het weer als van onder het water op. Op zich zelf is hier dan ook niets tegen, en de gewoonte die in sommige streken stand hield, om althans een handvolle waters op het gelaat van het kindeke te doen neerkomen, heeft niets waarom het zou moeten worden tegengegaan. Alleen maar, de besprenging is even deugdelijk, en als symbool schooner. De uitgieting of begieting heeft toch
kindeke
gemeenlijk tengevolge, dat het kindeke
ook wel
schreeuwen
gaat,
terwijl
zijn
gelaat pijnlijk saamtrekt, en
de moeder, zoo ze zelve het kind
Doop
heft, hierdoor zelve onrustig wordt en, om den Doop naumeer denkende, er alleen maar op uit is, om haar wicht zoo spoedig mogelijk weer van het water af te helpen en ook voor het Doopkleed, dat leed, te waken. Dit nu is bij een symbool van het heilige niet gewenscht. Een symbool moet in de handeling rustig en stil en plechtig toegaan. Terecht heeft men daarom allengs de be-
ten
welijks
gieting
door
de besprenging vervangen.
De enkele druppen,
die nu
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's