Onze eeredienst - pagina 195
DE BENEDICTIE.
Deze zegenspreuk dienst scherp
van
alzoo
is
den
191
zegen aan het slot van den
onderscheiden.
te
De zegenspreuk aan het slot, gelijk ons later de toezegging van Gods genade en trouw bij het geloovigen d.
voor
hoofd
i.
de wereld.
in
hoofd,
terugkeeren van de
daarom persoonlijk zooals ge straks op u Ze
is
blijken, bedoelt
zal
:
Zij met u allen,
zelf
de wereld
in
zult staan.
Maar deze zegenspreuk als
zoodanig
Gods
van Hij
in
zijn
is
gezindheid, een verklaring van
Vaderlijke
in
als
deel,
behoort,
en
tot
Gods
zijde, dat
verkeert, niet vertoornd over de zonde,
Christus, en dat zijn vrede
daarom
rust
op het hart
votum,
uitspreekt heeft iemand dus alleen in zoo-
feitelijk
hij
de Gemeente van den levenden
tot
op zekere hoogte
op dat oogenblik het geloof werken Het
de „Gemeente^
volk.
Aan wat deze benedictie verre
niet persoonlijk, ze gaat tot
is
geen toezegging van hulpe, maar een betuiging
midden der Gemeente
het
maar verzoend van
en
uit,
zijn
God
eigenlijk slechts in zooverre, als hij
deelgenootschap aan die Gemeente
in
en door
laat.
gelijk
we
zegt niets voor hem, die buiten ge-
zagen,
nade staat en niet verlost is. En ook het votum bleek op een gegeven oogenblik dood voor een wezenlijk kind van God, voor zoover op dat oogenblik diens geloof slaapt, en alle vreugde over zijn verlossing
onderging
in
onaandoenlijkheid.
En zoo nu ook voor wie dat
buiten
oogenblik,
is
de benedictie of zegenspreuk een doode formule
Christus
ook
al
werd
staat, hij
en een luidende schel voor wie op
verlost, gevoelloos is
God door Christus Jezus. Niet alsof we van deze gevallen
voor den vrede
van
en geloofstoestanden het votum en
de benedictie afhankelijk zouden willen
Dan zou de Dienaar wel
eerst appèl
stellen.
nominaal mogen houden,
om om
hoe het op dat oogenblik met de opgekomenen stond, niemand was, die op dat oogenblik zijn geloof krachtig voelde werken én votum én benedictie weg te laten. Neen, de Dienaar gaat voor met votum en met benedictie, en de geloovigen, ook de geloovigen, die insliepen, zullen het zelven te verantwoorden hebben, hoe zij hier tegenover staan. De Dienaar keurt niet, de Dienaar zift niet. Hij neemt de Gemeente zooals ze zich presenteert, dat is als „vergadering van geloovigen". En dienovereenkomstig spreekt hij én votum én benedictie uit. Met een tooverformule heeft deze benedictie alzoo niets gemeen.
te
weten,
als er
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's