Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Onze eeredienst - pagina 279

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Onze eeredienst - pagina 279

2 minuten leestijd

DE PREDICATIE

275

LXVI.

De

De „Dienst des Woords" hetgeen

in

„vergadering

de

in

predicatie.

(Slot.)

engeren zin vormt slechts een deel wan der geloovigen"

is

af te doen.

Dat de

Woords", onder de verschillende deelen van den dienst, de breedste plaats inneemt, spreekt vanzelf maar toch ook het hoofddes

„dienst

;

deel

blijft

prediker, allen

als

altoos

zoo

hij,

een

en het is misbruik van de zijde van den eenenmale uit het oog verliezend, zoo goed tijd voor zijn predicatie in beslag neemt, en

deel,

dit ten

beschikbaren

wat voorafgaat en volgt slechts als bijzaak behandelt. Dit misbruik is dan tevens oorzaak, dat men de Liturgie beschouwt alleen

als

in

dat bijkomstige bestaande, en niet inziet dat de Dienst

Woords zoowel als al het overige Liturgische regeling eischt. Goed opgevat, begint de Liturgie met het Votum en eindigt eerst met het Amen aan het slot van den dienst. Al wat daartusschen ligt, valt

des

onder de Liturgische orde.

Of tot

de

kerken

verplicht zijn die Liturgische orde van den aanvang

aan het einde van den dienst

stellen,

is

zin geoordeeld lijk

in alle

deelen en onderdeden vast

een vraag op zichzelf, waarover steeds

Maar ook

is.

al is het,

in

te

zeer onderscheiden

dat de kerken voor een aanmerke-

deel de regeling aan de Dienaren des

Woords

overlaten, toch gaat

de Liturgische orde door, en beteekent de vrijlating alleen, dat voor die vrijgelaten deelen de prediker zelf de Liturgische orde bepalen zal.

Men loope hier niet over heen. Ook nu weer de oude strijd in onze kerken over het binden Dienaar des Woords bij zijn handelingen in de loovigen. De één is meer voor regelen door de

herleeft hier en daar of vrijlaten

van den

vergadering der gegezamenlijke kerken

men beter doet, met ten deze den prediker naar eigen inzicht te doen beslissen. Een onvruchtbare strijd, zoo men hem op de spits drijft, en die althans nooit zóóver mag worden gedreven, dat hij de Gemeente verdeden zou. Men heeft hier met twee factoren te doen, die in verschillende verhouding tot elkander kunnen staan. De Dienaar treedt op in kerke-

vastgesteld, de ander houdt staande, dat

lijke

functie,

bezielen.

van

Het

en

die kerkelijke functie

wordt

dan

moet de Heilige Geest hem

bereikt, als het kerkelijk karakter

in volkomen harmonie met deze geestelijke werking En omgekeerd hapert er iets, zoo wel wanneer de kerkelijke

deze functie

uitkomt.

in

hoogste

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911

Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's

Onze eeredienst - pagina 279

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911

Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's