Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Pro rege - pagina 136

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Pro rege - pagina 136

of, Het koningschap van Christus. Eerste deel. Het koningschap van Christus in Zijn hoogheid

2 minuten leestijd

PRO REGE.

130

tusschen den nietigen, zondigen mensch en de majesteit des Heeren

Heeren. En

nu bezingt

God

hoe

het,

hij

zelfs uit

den mond der

kindericens en der zuigelingen zich lof heeft bereid, en hoe Hij door

macht over het hart der zijnen den vijand en den wraakgierige

zijn

terugwerpt. bewijst

van

alzoo,

„Wat dat

handelt van den mensch in zijn dagen, niet

hij

in

Vandaar dan ook

paradijs.

het

zijn

hem

bezoekt." Het

is

juist ter

oorzake van het zondige

den gevallen mensch, dat de tegenstelling tusschen wat is

God hem

en datgene waartoe

afteekent.

jubelt

in

innerlijk

hem

David: „Gij hebt hemeen

dan de engelen gemaakt, en hebt hem met eere en

Nogmaals dus de krOning van den mensch.

heerlijkheid gekroond."

van den mensch met koninklijke heerschappij

bekleeden

Het

hij

roept, zich zoo scherp voor

En van dien mensch nu

minder

weinig

uitroep:

de mensch, dat Gij zijner gedenkt, en het menschenkind,

is

Gij

dat

mensch

den

van „den vijand en den wraakgierige"

vermelden

Dit

wat nog sterker uitkomt

„Gij doet

in vs. 7:

hem

;

iets

heerschen over de

werken

uwer handen, Gij hebt alles onder zijne voeten gezet". Dat

„onder

zijn

zetten" toch

voet

de vaste Oostersche uitdrukking

is

voor de macht en heerschappij van den Koning, gelijk dan ook van

den

Christus

voeten

deze

zal

geschreven

Calvijn,

hij

„al

zijn

vijanden aan zijn

de uitdrukking: „een weinig minder dan de engelen

gemaakt," zoo verstaan alsof

te

minder dan een God gemaakt". het

dat

staat,

onderwerpen". Zelfs wil meer dan één uitlegger, en onder

woord Elohim, wat

in

hem weinig

lezen ware: „Gij hebt In het

Hebreeuwsch toch

staat hier

den regel van God gebezigd wordt. En

het valt niet te ontkennen, dat deze opvatting poëtisch schooner

en iets

dat

omgekeerd de vergelijking met de engelen

mingewoons

heeft.

laten,

gaan we hierop

zaak,

dat

ook

in

te

is,

dezer plaatse

Daar echter beide vertalingen zich verdedigen niet

nader

in.

Vaststaat, en dit

den 8en psalm een heerschappij,

is

als

hier hoofd-

door

God

aan den mensch verleend, bezongen wordt, die aan den mensch de

Koningskroon op het hoofd drukt.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911

Abraham Kuyper Collection | 579 Pagina's

Pro rege - pagina 136

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911

Abraham Kuyper Collection | 579 Pagina's