Pro rege - pagina 147
of, Het koningschap van Christus. Eerste deel. Het koningschap van Christus in Zijn hoogheid
GEEN PARADIJS MEER.
141
heid begon zich in het gelaat der vele der machtigste dieren te ver-
De wind des daags
toonen.
en
De
orkanen.
der
het loeien
in
het paradijs ging over in
in
temperatuur sloeg over
gelijke
machtige wisseling van koude en
in
De stroomen
hitte.
stormwind
traden buiten
oevers en overstroomden de landouwen. Onkruid en ongedierte
hun
verwoestend
traden
mensch
en
dier
woelde
diepte
op.
begonnen het leven van
De aarde
zelve in haar verborgen
bedreigen.
te
sidderde, en braakte stroomen van
en
beefde
op,
lava en vuur
gloeiend
Giftige bacteriën
Het was, of op eenmaal de hel
uit.
afgrond opbrak, en zich met reuzenarmen die natuur
om
heel den
mensch wilde
om
slaan,
uit
den
heel de natuur, en in
om
alles te vernie-
't
tigen en te vergruizelen.
En tegenover
macht van
losgebroken
die
vernieling staat één
wee van schuldbesef, van God
enkel menschenpaar,
gebroken en moedeloos. Met rappe vingeren had heel
der
orgel
het
verlaten, klein,
hij in
natuur
het paradijs,
en
bespeeld,
uit
meesterlijken
nu
was de windbalg van
dat orgel gescheurd, en trilden zijn vin-
verlamd
de ratelende toetsen heen, waaraan geen
geren
als
geest,
over
melodieuse hemeltoon meer
viel te ontlokken.
de ontzetting, van de verbijstering, die
aangegrepen, kunnen
Adam
wij, die nooit zijn
Van den in die
schrik,
van
ure moet hebben
heerschappij in het paradijs
gekend hebben, ons van verre geen voorstelling vormen. Al wat we vernemen, zijn
is
dat
hij
vluchtte, vluchtte
erbarming roepen kwam, voor
stippen
zijn
het
zijn
God, die hem
den weg van genade
genadeweg
schap
de
des
stellen,
star der
en
macht van satan
te niet
menschen over de nu dan
in
hem scheen
heel
Hem
uit
Eva geborene
doen, en alzoo het Koning-
Maar
al
hope aan den donkeren gezichtseinder, taal.
het
opstand gekomen natuur her-
vestigen voor eeuwig.
goeddeels onbegrepen
En aan
schitterde heel van verre
Koningschap van den Zoon des menschen. Een eens
in
als in zilveren
half-ingeslapen oog uit te teekenen.
eind van dien uitgestippelden
zou
om
voor
lichtte
daarmee de
voor Adam was
dit
dreigde krankheid en dood. Tegen
Gods schepping
in
opstand. Niet afgezet, maar
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 579 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 579 Pagina's