Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Onze eeredienst - pagina 61

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Onze eeredienst - pagina 61

2 minuten leestijd

HET GEZANG.

Maar over stellingen

dunkt

algemeen haar verband

het

in

de

ons

57

dat

toch,

bovenstaande

waarheid der ervaring op

zes

dit terrein

uitdrukken.

XII.

Het Gezang (Vervolg).

De voorkeur aan

het

door onze Gereformeerde kerken Psalmgezang gegeven, vond haar grond in

tijdens de Reformatie

uitsluitend

bijna

het velerlei misbruik, waartoe de invoering van het vrije lied geleid had.

Het

stellige feit, dat

ook

zwang waren geweest,

in

zijn

van

in

is

de oude Christelijke kerk zulke liederen

niet

Sommige

geloochend.

oude dagteekening, en waren

zeer

bij

dier liederen

heel de Christenheid

gebruik.

in

Maar

was zoo ver gegaan.

het misbruik

Eerst schier alle gemeentelijk Psalmgezang, en toen bijna alle gezang

Gemeente was

Koorgezang was voor het gezang gekomen. Mannen en vrouwen, jongens en meisjes, met de schoonste stemmen, ook al was hun roep vaak verre van onbesproken, werden in deze koren gelokt. En ook de liederen die men zingen liet, waren vaak verre van onberispelijk. Het stemgeluid, de klank der keel, het kunstelement was hoofdzaak geworden, en de inhoud van het lied bijzaak. Het werd een tentoonstelling van hooge zangkunst, en hield op uiting van dank en aanbidding der geder

der geloovigen

God

loovigen voor

Daartegen

Dat

was

in

is

het

teloor gegaan.

plaats

te

zijn.

toen de reactie ingetreden.

kwaad,

dat

men

stuiten

wilde.

De

kunstofferande

vervangen worden door een offerande van de „varren der lippen". En zoo is men toen op het exclusieve zingen der Psalmen gekomen, en heeft dat eerst van achteren theoretisch verdedigd met de bewering, dat in de kerk alleen gezongen mocht worden, wat ons voorgezongen was in de Heilige Schrift. Deze gedachte had terecht veel aantrekkelijks.

moest weer

Zelfs bij de koningen der a arde geldt het als regel, dat geen onderdaan aan feestdisch of waar ook, den vorst anders m ag toespreken dan piet bewoordingen, die vooraf zijn goe dgekeurd.

En hoeveel

te

meer

viel

er

dan

niet

voor

te

zeggen, dat wij, nietige

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911

Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's

Onze eeredienst - pagina 61

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911

Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's