Onze eeredienst - pagina 254
GEEN BIECHT.
250
Maar ook omgekeerd, en
minder heel de
niet
lutie,
God
zoogoed het hart" gaat maken,
en
zoo ten
en
buiten
sluit,
publieken
Het
zin,
gevaar
eerste
Het lijk
den mensch er geheel elk merkbaar spoor van de absolutie,
slotte
is
gerealiseerd
Rome, het tweede
in
zijn
elkander
God moet
voor
haar
plaatste,
te
de klip
in
Maar wel
is
Rome
het noodzake-
sparen.
God
leven met zijn
van
niet
en
zijn
leven met zijn persoonlijke
afscheiden, of beide lijden schade.
de
natuurlijke
liefde
voor den mensch, dien
uitstraling
vinden.
God
De bij
Immers zooals de
haar gewijd karakter verliest, zoo ze zich losmaakt van
philanthropie
voor God, zoo ook verdort de liefde voor
liefde
is
is.
einde toe door te trekken.
ten
omgeving
de
met de abso-
een „zaak tusschen
buiten ons bestek, de schaduwlijn die hierdoor onder
ligt
Men kan
ons
de publieke absolutie,
uitwischt.
onszelven de critiek niet
liefde
tot
zijn relatie tot
waarop men onder ons gestrand
opkwam,
kom
en
af,
als uitsluitend tot
religie
ook
in
schaf ze
het gevaar voor de hand, dat men,
ligt
God
in
mystieke
ze haar veld van uiting verliest onder menschen.
zoo
zelfverwarring,
Dit nu berust op de ordinantie Gods, dat Hij ons niet als enkelingen,
maar
menschen onder menschen,
als
schapen
als leden
van één lichaam ge-
idee van de kerk vloeit uit die ordinantie Lichaam van Christus dat die door de zonde gebroken idee weer tot haar recht komt. En daarom eischt goed geordende vroomheid, dat ook in ons zichtbaar leven dat Lichaam van Christus, hoe gebrekkig ook, zich institutair openbare. Maar diezelfde ordinantie moet dan ook heel ons gemeenschapsleven met het Eeuwige Wezen doordringen en bezielen. Zeker, er blijft altoos en moet altoos blijven, een diepste diepte in de kern van ons wezen, waar de relatie tot den mensch wegvalt, en we niets meer van die relatie tot den mensch ontwaren. Dit komt het sterkst uit
Het
voort.
in het
ook
Heel
heeft.
in
is
de
het
oogenblik der bekeering, als het geloof doorbreekt.
Maar toch
is er in ons dagelijksch leven gebed met anderen, ook het gebed in de stilte te zoeken, en met onzen God alleen te zijn. Dit is niet verkeerd. Dit moet veeleer zoo wezen. En uw zielsleven lijdt schade, zoo ge dit verwaarloost en veronachtzaamt. Maar zie nu wel toe, dat ge hierin niet eenzijdig al uw religie laat
buiten
opgaan. die
Dan
alleen
bedacht
dat
om
behoefte,
is.
aangrijpend oogenblik
behalve
het
toch vervalt ge eerst in die eenzijdig egoïstische mystiek,
op eigen genieting Daarna gewent ge
in het
er
samenleven met den Oneindige om alle gemeenschapsleven
u aan,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's