Onze eeredienst - pagina 493
BEDIENING VAN HET HEILIG AVONDMAAL.
Op Wat
brood
en
wijn
behoort
489
te worden toegezien. maar goed-doorbakken zij, dik worden genomen. De
zorgvuldig
zeer
het brood aangaat, opdat het niet klef
ook dat de reepen niet te breed en te aard en hoedanigheid van het brood mag geen oogenblik de aandacht afleiden, en daarom moet het zoo kunnen worden uitgedeeld, dat ieder die het aanneemt en het nuttigen zal, het ongehinderd kan gebruiken. Ook op den wijn moet worden toegezien, opdat hij niet wrang noch prikkelend zij, maar bij den smaak aangenaam aandoe. Ook bij den wijn toch geldt, dat hij de aandacht niet mag bezighouden, en in niets den geest mag afleiden. Over het gebruik van den ouwel behoeft hier niet en
worden gesproken, wijl dit gebruik ten onzent in niet ééne Gemeente En wat den wijn betreft, is wel in den laatsten tijd zekere sprake opgekomen, alsof het niet geoorloofd ware in het Avondmaal gewonen wijn te nemen, en alsof we gehouden waren daarvoor uitmaar ook deze spitsvondigheid sluitend alcoholvrijen wijn te bezigen Dat Christus bij de instelling van het Avondlaat men beter varen. maal alcoholvrijen wijn zou genomen hebben, kan niemand bewijzen. Ook waar verder in de Schrift van den Avondmaalswijn gesproken te
bestaat.
;
wordt,
staat
gewonen in
den
er
niets
bijgevoegd,
wijn
is
uiteraard
zoodat
men aan
niets anders
dan
Van kwade uitwerking van den alcohol
wijn denken mag. bij
het
nemen van één enkele
teug
in
de
geen sprake. En het jammerlijkst is, dat, waar zulke overleggingen eenmaal doordringen, de aandacht van het eigenlijke voorwerp van het Avondmaal wordt afgetrokken, de vrome stemming verstoord wordt, en er zich altoos weer een gevoel van eigen hooger verte
verste
heiligheid
hooger teug het
in
reuke
neemt.
geen
mengt, als stond wie ook hier den alcohol
van
heiligheid,
Het behoeft ten
eisch,
de
Tafel
dan slotte
toch
wie
zonder argwaan
bestrijdt,
de gewijde
wel nauwelijks gezegd,
liefst
gedekt moet
zijn,
in
dat, al
is
en dat zorg
moet worden gedragen, dat het hiervoor gebezigde tafelgoed door zuivere blankheid het oog weldadig aandoe. Is nu alles in gereedheid gebracht, zijn de geloovigen die aan de Disch wenschen aan te zitten, in het kerkgebouw saamgekomen, en treedt de Voorganger met de leden van den Kerkeraad binnen, om de Bediening te doen plaats hebben, dan begeve de Voorganger zich evenals bij den Dienst des Woords naar den kansel en nemen de Ouderlingen en Diakenen, die bij den Dienst behulpzaam zullen zijn, hun gewone plaatsen in. Het kon wel anders, maar dan zou eerst, gelijk we in een vorig artikel aangaven, de plaatsing van den Disch De Disch zou dan in het kerkgebouw een geheel andere moeten zijn.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's