Onze eeredienst - pagina 509
DE BAN EN WEDEROPNEMING.
505
En hiermee nu hangt de Ban in dien rechtstreekschen zin de Ban van het Avondmaal weert wie er niet meer hoort. Wel werkt reeds vóór den Ban de Censuur, en behooren steeds de trappen van de Tucht in acht te worden genomen, maar de Censuur staat toch met een voorloopigen Ban gelijk. Ze verbiedt den toegang tot hel HeiZe werpt dus lig Avondmaal, waartoe iemand feitelijk was toegelaten. twijfel op, of een aldus gecensureerde nog wel tot de geloovigen behoort, plaats.
saam,
dat
en poogt nu, alvorens
komen, de Censuur kan dus Heilig Avondmaal
tot
een eindbeslissing
verdachte
dat
duren.
niet
geen
zich
te
oordeel
komen, althans ete.
Wie gecensureerd
en
De
te
voor-
toestand van
tijdelijk
van het
geweerd is, moet tot berouw en betering komen, zoodat hij een volgend maal weer wel kunne aanzitten; desnoods kan dit nog een tweede periode vorderen; maar indien na de Censuur het
kwaad van de onberouwelijkheid voortgaat, kan en mag er niet langer Wat in geaarzeld worden, en moet tot den Ban worden overgegaan. wel plaats greep, dat men iemand jaar
later jaren
Censuur
zonder
slaan,
liet
inconsequentie en een
gevoeld wordt,
personen
aan
ligt
de
hem
feitelijk
aftesnijden,
is
in jaar uit
onder de
een onverdedigbare
Dat dit niet band die voorheen de enkele slapper is geworden en voor
prijsgeven van de Tucht.
alleen daaraan, dat de
bond,
kerk
zooveel
velen nauwelijks meer bestaat. In
vroeger
met
en
gezin,
de
zijn
vergete
tijd,
men
dit niet,
op voet van vrede
kerk
familie en zijn woonplaats.
was
het behooren tot de kerk
leven, beding van vrede in zijn
Men
sprak niet van een kerk,
Bij die eenig-ware kerk moest een ieder zich voegen.
maar van de
kerk.
Wie
deed, gold voor een Jood, of voor een Heiden of tollenaar.
dit niet
Zulk een stond buiten de Christelijke gemeenschap, en schier een ieder meed contact met hem. Om als braaf burger bekend te staan en vertrouwen in te boezemen, moest men niet alleen bij de kerk maar ook met de kerk in vrede verkeeren. Dit maakte, dat een ieder meed, wat hem de ongunst van de kerk op den in
de samenleving
zijn
aangesloten,
hals
zou
Vroeger
halen.
de
geestelijkheid, en na de Reformatie de
ouderlingen, wisten zeer wel, dat niemand, buiten
de
kerk
kon.
om
in
vrede
te
verkeeren,
De vreeze van uit de kerk te worden gezet, Wie daarmee bedreigd werd, vernederde zich
daarom onrust. En zoolang liever, en poogde zich met den kerkeraad te verzoenen. tucht kerkelijke deze stemming in de gemoederen aanhield, bezat tle wezenlijke kracht, werd ze toegepast en had ze haar uitwerking. Van lieverlede echter kwam in deze stemming der geesten een geheelc wekte
verandering.
Men
kreeg
allengs
meerdere kerken, en het
kwam
wel
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's