Onze eeredienst - pagina 96
AMBTSGEWAAD.
02
door de Roomsche kerk is voorgeschreven, is dan ook geen spiksplinternieuwe uitvinding, maar een kleederdracht, die, wat het grondtype betreft, ten deele is overgenomen uit den toenmaligen tijd, een type dat slechts nader uitgewerkt en voor het doel gepast is gemaakt.
Evenzoo het
In
staat het
begin
gestudeerde en
waren,
16de eeuw was de toga de gewone dracht voor
der
Ook
personen.
van
geleerden
de
met het togale gewaad.
deels
die
die toga
dagen,
pleitbezorgers
was van Romeinsche herkomst,
die
deels van kerkelijke herkomst
der renaissance, deden niets ongewoons,
toen ze in dat half-kerkelijk, half-classiek
op
wijs en
Aan
gewaad
zich
bij
hun onder-
straat vertoonden.
middeleeuwen had iedere stand een eigen kleeding. hun Elk gilde had een eigen dracht, waarin de aard van het
het eind der
De
ridders golfden in zwierig satijn en fluweel, of kraakten in
pantsieren.
De
gilde uitkwam.
landlieden droegen in de onderscheiden provinciën
en steden een eigen kostuum, schier zelfs
Hoe onze kooplieden en
verschillend.
in
elke streek en in elk dorp
schutters zich uitdosten, weet
hun kloeke figuren in het Rijksmuseum bewonderd heeft. dagen kon het daarom niet anders, of ook de kerk, ook de academie moest in eigen kleeding uitkomen. Men kon geen genera al^ toilet dragen, eenvoudig omdat er nog geen generale kleederdrach t ieder die die
In
bestond
.
Het was nog de zomertuin met gevarieerd groen en gebloemte, het
alles
we waren nog
en
eentonig
dompelen
niet in
zou
in
allerlei
gekleurd
de herfstperiode ingegaan, die één
matten tooi van dof, vaal
blad.
Toen nu de Reformatie opkwam, en de bedienaren van den godsuiteraard het kostuum der Roomsche kerk niet meer dragen konden, lag het voor de hand, dat men het geleerde koos niet om een geleerden schijn aan te nemen, maar omdat het 't naaste lag. Al
dienst
;
we dan ook op hun kostuum afgebeeld. Ge kunt
u de
figuren van Luther en Calvijn bijna niet zonder die toga denken.
Die
onze
Hervormers,
tretten
toga
en
eerste predikers zien
in dat destijds gebruikelijk
was toen
por-
echter geen predikantskostuum, geen kerkelijke tabberd,
maar een heel gewone kleeding
gelijk elk gestudeerd persoon die nu nog de rechters en de hoogleeraren gelijk soort kleed dragen, is dan ook niets dan nawerking van vroeger verleden. Alleen maar, wat toen de gewone kleeding voor al zulke klassen geworden was, is later bij tegenstelling, ambtskostuum geworden en zoo zijn er nu drie soorten toga's: professorentoga's, rechter-
dragen
kon,
en
droeg.
Dat
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's