Onze eeredienst - pagina 179
DE VOORLEZER.
de praelectuur formuliervotum
de
uit
Heilige
Schrift
175
zou
kunnen
doen,
niet
een
formuliergebed zou kunnen uitspreken, en niet een
of
psalm of een collecte zou kunnen aangeven. Bij den Dienst van het Woord, behoort het Sacrament als zegel, en Dit alles moet alzoo aan den het vrije gebed als verheffing tot God. Dienaar worden overgelaten, overmits hierbij eigen initiatief intreedt. Maar de praelectuur, het bidden van een vastgesteld gebed, het doen van publicatiën, of het aangeven van een collecte of een psalm, vallen
onder
dit
verband
uitgesloten, en er
Opziener,
na
is
niet.
Daarbij
is
eigen initiatief juist geheel
het
geen reden denkbaar, waarom ook niet een ander
behoorlijke
oefening
en
de Ge-
voorbereiding, hierin
meente zou kunnen dienen. Doch op die voorbereiding en oefening legge men dan ook nadruk. Alle ding eischt, om het goed te doen, oefening en voorbereiding, en een Opziener die wanen mocht krachtens zijn ambt hierboven verheven te zijn, vergist zich ten eenemale. Goed lezen, en vooral goed voorlezen, en met name goed voorlezen uit de Heilige Schrift is een wezenlijke kunst, die niem and van nature bezit. Alle accent moet daarbij gemeden worden. De taal moet zuiver worden uitgesproken. De klemtoon moet goed neerkomen. Het moet rustig en plechtig, en toch zonder gemaaktheid of te sterke declamatie toegaan. De houding er bij moet stil en ernstig zijn. Er moet zoo
worden gelezen, dat lezen
nu
is
alleen
ieder
volgen
voor
mogelijk
kan,
en
dat
het boeit.
hem, die zich én generaal
voorlezen oefent, én telkens voor eiken Dienst zich inwerkt straks
zal
te
lezen hebben.
En zulk
Immers wat men
niet
volkomen
in
in
het
wat
hij
verstaat,
kan men niet goed voorlezen.
Ook
steekt er
oefening
wijde.
hoegenaamd
niets in, dat een
De Dienaar des Woords
Opziener zich aan deze
heeft
nog wel heel andere
oefeningen moeten doorloopen.
En ook zeggen we niet, dat elk Opziener hiertoe moet geroepen Iemand kan een zeer goed en richtig regeerend Ouderling zijn, al is zijn uitspraak min zuiver, en zijn voorlezen min gekuischt. Doch dit moet de kerkeraad dan ook onderzoeken, en aanwijzen
worden.
wie
hiervoor al dan niet de vereischte gaven bezit, en door oefening volmaken kan. Tevens zou hier het voordeel aan verbonden zijn, dat in de oogen der Gemeente de stand van de Opzieners gereleveerd werd, dat hun invloed in de Gemeente een meerdere werd, en dat de Gemeente zich ontwende aan het denkbeeld, alsof zelfs huisbezoek en krankenbezoek
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's