Pro rege - pagina 447
of, Het koningschap van Christus. Eerste deel. Het koningschap van Christus in Zijn hoogheid
VOORLOOPIGE TOESTAND. op
overtuigt
inwendig.
Hij
legt
Koninkrijk
Gods komt
niet
met uitwendig
heerscht. Hij grijpt ze in de ziel,
aan,
hij
grijpt ze in
mystiek
hem
zich naar
lichaam.
toekeert,
ja,
dat
hun
geestelijk leven
Koning
tenzij
zijn,
voudig
kan
is,
ambt
Hij geeft in
Alleen doordat
onze Koning
hij
Deze
De in
hij
onze profeet en onze
drie
hem
tot
En zoo ook, in
hooger eenheid.
in Israël
't
geeft
hij
Israël
zich beweegt, en
al
En
maar
is
het
zelf
klare
inzicht
slechts zinbeeldig
kon voorstellen, de verlam
offert het
Lam, dat de zonde der wereld wegdraagt.
wat
in
alles
op reëele en volkomen wijze datgene,
eerst doordien hij als priester
het
nog slechts
waarvoor het
zoening van den zondaar met den heiligen God. Hij niet,
bij
van het drie-
onze aardsche toestanden, en omtrent het
omtrent
wat de priester
ambten smelten
drie lijnen
de volkomen openbaring der waarheid omtrent
gaf,
en
in zijn
Deze Koning kon geen
volkomen wijze wat het Profetisme
Goddelijk ideaal, waarheen rijpt.
zijn.
vereenigen zich
in Israël
voorbereidend
hemel
zij.
alomvattend ambt saam.
één
in
inlijft
vanzelf profeet voor ons bewust, en priester
hij
voor ons ethisch leven priester
ze
hij
kon alzoo naast den Koning voor geen op
Hier
zichzelf staand profeet of priester plaats zijn.
den
Het
en zet ze innerlijk op zulk een wijze om, dat geheel hun in-
wendig bestaan
hem
„Het
het innerlijk leven.
gelaat, het is binnen in u."
waardoor de Christus over Gods kinderen
geestelijke factoren,
zijn
beslag
441
is
en
ons verzoent, en
was en komen
als profeet
zal
gegeven
ons
heeft,
werkt doeltreffend die geestelijke en koninklijke macht, waardoor
hij
over de geesten met volstrekt gezag heerschen kan. Hier treedt een zuiver geestelijke macht op, die onbeperkt heerschen
om
te
kunnen heerschen,
niet
zal,
maar
die,
de geestelijke beweging terugdringt
en de geesten met het zwaard overweldigt, maar die de onderdanen
inwendig verovert, los te laten, en eindt, dat ze als
God
zal
in
hun eigen wezen aangrijpt om ze
nu hun geestelijke opbouwing
niet
meer
in zulk een zin vol-
„levende steenen" worden voor den tempel waarin
wonen.
Daarom nu moest
in
Christus de Koning en de Profeet één
zijn.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 579 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 579 Pagina's