Onze eeredienst - pagina 418
;
BEDIENING VAN DEN HEILIGEN DOOP.
414
we met Rome braken
en in de aanverwante Luthersche kerken met
grooten ernst gehandhaafd
Toch
is.
men
glijde
niet te licht over het
van den Nood-Doop heen. Het valt toch kwalijk tegen te spreken, dat bij het wegvallen van den Nood-Doop de beteekenis en waardij van den Doop in veler oog daalde. Volgens de Roomsche, vraagstuk
Grieksche
Luthersche
en
belijdenis
de richtig bediende
bezit
Doop
een genade-mededeelende kracht, derft een ongedoopte de genade, en is
ze aller gedoopten deel.
toekomt.
bitieve kracht
den
van en
hij
bezat.
is
Doop een
Men noemt
verandering ondergaan
deelachtig geworden dat
iets
Wordt
dit
nu alzoo
in
hij
dat aan den
dit,
Wie gedoopt werd,
Doop
exhi-
heeft onder en door middel ;
op hem ingewerkt ongedoopten staat niet
er is
in zijn
de Gemeente geloofd en beleden, dan
moeder er hoogen prijs hun kind niet ongedoopt blijve. Onder de Roomschen het dan ook gewoonte, het pasgeboren kind, liefst nog den eigen is dag, of is 't daarvoor te laat, dan den volgenden morgen naar den Doopvont uittedragen. Een nog ongedoopt kind staat buiten het Heialleen een gedoopt kind wordt zalig. lige De drang moet dus wel sterk zijn, om het kindeke hoe eer hoe beter den H. Doop deelachtig Bij de Lutherschen is het nimmer zóó sterk gedreven, te doen worden. maar toch ook onder hen werkt gelijke prikkel. En hieruit nu moest vanzelf de Nood-Doop opkomen, Ie omdat het jonggeboren leven bedreigd kon zijn, en 2e omdat de gelegenheid om den Doop te ontvangen, gelijk die door de kerk bediend wordt, kon ontbreken. Het eerste komt herhaaldelijk voor. De geboorte kan met zooveel angst en benauwing toegaan, dat het kindeke reeds in de geboorte zelve spreekt
op
het
schier vanzelf, dat een vader en
stellen, dat
;
bezwijkt of althans schier onmiddellijk daarna den pas ontvangen
adem
weer voor altoos uitblaast. Het tweede doet zich zeldzamer voor. Naar goede orde moet het de Dienaar zijn die den Doop toebedient, maar de gelegenheid kan zoo zijn, dat niet aanstonds een Dienaar te bereiken is. Een kindeke kan in volle zee op een schip geboren worden. Er kan een kind geboren worden in een hut boven in de bergen en dat noodweer belet het kindeke naar omlaag te dragen. Op een eenzame statie onder de Heidenen of Mohamedanen kan een kindeke uit Christenouders geboren worden, zonder dat er op honderd kilometers afstand een kerk te vinden is. In al zulke gevallen nu kan het zich voordoen dat een jonggeboren kindeke sterft, zonder dat het mogelijk bleek in den gewonen weg den Doop voor zulk een kindeke te zoeken. Sterft nu zulk een kindeke ongedoopt, dan lijdt het bij de onderstelling dat de Doop de genade toebrengt, schade, en wel een
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's