Onze eeredienst - pagina 218
:
DE
214
WET DER
X GEBODEN.
Waar de Gemeente vergadert, is de eerste roeping zich te verootmoedigen voor God. Men komt als zondaren voor zijn heilig aangezicht. Erkenning van schuld en de bede om genade gaat daarom :
voorop. niet een Gemeente van heilzoekenden. De maar Heilsgemeinschaft. Het is de vergadering der geloovigen. Daarom wordt de vergiffenis der zonden aan de geloovigen verkondigd in den naam des Heeren. Daaruit volgt vanzelf de roeping van dankbaarheid, Wie genade Bij de absolutie volgt daarom de ontving behoort heiliglijk te leven. voorlezing der Wet. Ook daarbij trilt nog in het Kyrie Eleison, d.i. het „Heere erbarm U", de heugenis der zonde na, maar de overhand heeft
Maar de Gemeente
kerk
de
is
niet Heilsanstalt,
is
bede
uwe Wet
Schrijf
:
kinderen,
d.i.
de bede
om
in
onze harten, opdat wij leven als
uwe
heiligmaking.
Dan volgt de bediening des Woords met vóór- en nagebed, waarin het Onze Vader als het eigenlijke gebed der Gemeente wordt opgenomen,
met omschrijving in het nagebed. Gemeente haar algeChristelijk geloof belijdt, is het slotakkoord. Het is een weerklank op het gepredikte Woord het „Amen, wij gelooven", dat de Gemeente na het beluisteren van Gods Evangelie voelt oprijzen in haar hart en uitspreekt met haar lippen. Want het geloof is uit het gehoor, en het gehoor uit het gepredikte Woord. Maar het laatste woord is niet het Amen der Gemeente, het is de het vóór- en
in
letterlijk
De Apostolische meen ongetwijfeld,
Geloofsbelijdenis, waarin de
;
Hoogepriesterlijke
zegen,
waarmede
de Gemeente der geloovigen
in
vrede wordt heengezonden. Heeft Ebrard
te
veel gezegd, toen
hij
de Liturgie van Calvijn
als
een
meesterstuk van „grossartige Einfachheit" prees ? Hieruit blijkt tevens, dat de keuze van vóór of na de predikatie,
welker
spil
wijziging
tusschen
wij
toelaat,
de
Wet
op
betoog het geding stelden, nog een en nog scherper kan gesteld warden, als de keuze
in
een
vorig
als prikkel tot schuldbelijdenis
en de
Wet
als regel
doen,
Wie historisch op Calvijn teruggaat, moet dit zelfs want Calvijn nam de Wet zeer beslist als regel der dankbaar-
heid,
en
der dankbaarheid.
liet
haar
voorlezing
nochtans
vóór
de
predikatie
plaats
grijpen.
Dat
hiervan, de keuze stelden vóór of na de dan ook daarin zijn grond, dat de XII Geloofsartikelen en de Wet ons voorkomen in andere orde te moeten volgen, dan Calvijn dit vooralsnog in practijk bracht. wij,
in
predikatie, heeft
afwijking
:
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's