Onze eeredienst - pagina 104
AMBTSGEWAAD.
100
Bij
doopersche sekten was het zeer zeker op deftigheid aan-
deze
vrouwen een
gelegd, en zelfs in de muts droegen de
tooisel, dat
de „muts met de Gereformeerde geut" onderscheiden was.
van
En natuur-
was dit geen ambtskostuum, want ambten kenden de doopers niet, maar een kleed dat voor allen gold. Juist daardoor echter werd het toen weer kleed der onderscheiding, nu niet om clerus van leeken, maar om „de Gemeente" van „de lijk
wereld"
onderscheiden.
te
Voor de wereld de pracht en de overdadige weelde, voor de Gemeente der heiligen het sober, en haast somber, gewaad. Het was toch, zoo voor mannen als vrouwen, geheel zwart, of hoogstens grauw en donkergrijs. En nu ontkennen we niet, dat dit voor bejaarde vrouwen en mannen soms uiterst deftig en net stond, maar het was toch juist het omgekeerde van wat de eerste Christenen vaak symbolisch uitdrukten.
_Die
eerste
veeleer
het
Christenen wit,
ter
kozen,
uitdrukking
als
ze
zulk
e en
gewaad droegen,
van wat de Schrift ons spreekt van
„het witte lijnwaad der heiligen."
Waar ook is
de Heilige Schrift een kleed der heiligheid voorkomt,
in
het altoos blank van
In witte,
tint.
blinkend blanke gewaden ver-
de Christus op Thabor gezien, en zag Johannes op Pathmos de verlosten daarboven. de engelen,
schijnen
Geen
twijfel
voor
de
waad
zijn.
Zwart dolvenen
dan ook, of nu nog, zou het éénig symbolisch gewaad
geloovigen,
is
is
de
kleur
juist
der
niet het zwarte,
somberheid,
Zwart trekt aan en pessimistisch gestemd is. past.
die
maar het blank bij
witte ge-
de onder schuld be-
wie rouwt, wie
treurt,
wie somber
De geloovigen
daarentegen, die juichen in de verworvene verlossing, noch somber noch droef gestemd, maar voor zooveel ze gelooven, en zich de vrucht van Christus' kruisverdiensten hebben toegeëigend, „Ik dank gaan ze aanstonds uit het „Ik ellendig mensen," in het God door Jezus Christus mijnen Heere," over. Wilde men dus zijn belijdenis ook in zijn gewaad uitdrukken, zoo zou dit gewaad hagelwit en blank moeten zijn, als uitdrukking van de verworven verlossing. Doch dan zou hierin ook zoo groote geloofsverzekerdheid liggen uitgesproken, dat men daarom het weer niet zou durven aantrekken; dat de minst fijngevoelige het 't eerste om de schouders zou hangen; en dat maar al te dikwijls het hart vloeken zou tegen het gewaad dat men droeg. Alleen als kerkelijk gewaad, zijn
:
:
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 568 Pagina's