Pro rege - pagina 237
of, Het koningschap van Christus. Eerste deel. Het koningschap van Christus in Zijn hoogheid
DE WIJSHEID DER WERELD.
de edelen en wijzen der wereld, die de gemeente sterken,
niet
zijn
maar het
de eenvoudigen, de geringen, de lieden die niets
zijn
oog der wereld, die de gemeente vormen. Het
het
in
zoekers dezer eeuw," die de apostel ten toon
zoo heeft het
Christus
de „onderin
de
gekend, door de wijsheid,
niet heeft
der prediking zalig
„den Joden een ergernis, maar ook den
niet alleen
is
een dwaasheid." Juist
Grieken
zijn
die gelooven." Het zijn de Grieken die wijsheid zoeken,
maken
en
zijn
„Nademaal
stelt.
God Gode behaagd door de dwaasheid
wijsheid Gods, de wereld
te
231
„om de
wijzen
beschamen, heeft
te
God het dwaze der wereld uitverkoren." We worden opgeroepen „om ons toch door de philosophie, door de overlegging der menschen,
door de eerste beginselen der wereld
en
En immers Christus
voeren."
opgedragen,
Gode behaagd
het
dat
had
zelf
lof-
niet te laten ver-
en dankzegging
had, de geheimnissen van het
Koninkrijk der Hemelen „voor de wijzen en verstandigen
en den kinderkens dat
Jezus er
bijvoegde
zelf
welbehagen voor
openbaren." En
te
:
„Ja,
dit
in
buiten
is
zin,
geweest het
u."
zij,
het
die
op
den
is
zelfs
van het
licht
klank afgingen, en
wetenschap en bestrijders van
menschelijke
kennis
zijn
zoo forsch en
kort.
te
zulke uitspraken
alle
haters
van
alle
hooger vlucht der
geworden. Alleen gezonde prediking had
kwaad kunnen keeren, maar
zoo veelszins
al
beschouwden,
verband
menschelijke
dit
verbergen
heel de Schrift door, dat het zich uitnemend verklaren
volhardend
hoe
te
zoo nadrukkelijken
Vader, want alzoo
Deze aanval op de „wijsheid der wereld"
laat,
Gode
juist
die gezonde prediking schoot
De Godgeleerdheid
trok zich
op eigen
terrein
terug, verloor het verband met de overige wetenschap, en stelde zich
aan
als
een grootmeesteresse, die aan de overige wetenschap haar
onwelkomen voortgang
te
beletten had. Veel te veel
werd door haar
vergeten, dat we, naar luid van onze schoone belijdenis, uit
twee boeken
Natuur,
waarin
;
uit
als
het boek der Schrift,
maar ook
uit
God kennen het boek der
met gulden letterkens de majesteit des Heeren
Heeren voor ons geteekend
staat.
Ze wilde daarbij maar
al te
zeer
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 579 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 579 Pagina's