Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Pro rege - pagina 526

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Pro rege - pagina 526

of, Het koningschap van Christus. Eerste deel. Het koningschap van Christus in Zijn hoogheid

2 minuten leestijd

PRO REGE.

520 bepaalde

plek

waarheen

aan,

zoekend oog zich richten kan en

't

waarin onze blik zou kunnen rusten. Met de uitdrukking huis,"

is

En

niet anders.

't

of

we

al

:

„Vader-

zeggen, dat onze Koning „in

den hemel" troont, geeft ons evenmin een klare, vaste voorstelling.

We

worden naar boven en naar den hooge verwezen, en

eender,

weten

al

we,

dit blijft

onze tegenvoeters aan de andere zijde

dat

van dezen aardbol, evenzoo naar boven en naar den hooge wijzen,

ook in

denken

al

diepte wegzinkt. Onzekerheid behoeft ons dit niet te geven,

de

we

mits

we geen

slechts bedenken, dat

Gods ook

zoo

goed

als

vaste

laatste

waarop

grond

zou

rust.

Zelfs

voorstelling, alsof die

gewelfd

hemel van

hemel van

heeft geen enkelen

liggen,

heeft die voorstelling iets dat tegen

Die

indruischt.

die den

de derde hemel genoemd, ver boven

sterren

ze

gemoed

ons

de

en

niets,

ook wel

heerlijkheid,

het geeste-

zouden scheiden, weten we dan

heerlijkheid van deze aarde

Gods

om

beelden aan het stof-

in

Van afstanden,

ontleend, uit te drukken.

felijke

bezitten

taal

anders dan op overdrachtelijke wijs,

lijke

de

daarbij aan een hemelstreek, die voor ons juist

zij

vaste

laatste

zoo

liggen

sterren

onmetelijk ver, dat zelfs heur lichtstraal duizenden van jaren behoeft,

om

tot

„'k

Hef

ons door mijn

ziel,

dat onze ziel

zijn,

om

doorloopen

woordigheid

God

haar uitgieting dien onmetelijken afstand zou eerst

der goden, tot u op," kan niet bedoeld

haar

ons niet genoeg.

de

majesteit

Waar, lijkheid

wat

in

d.i.

zich

uit

paleis. in

bevinden,

op nadere

overgang

zijn

sfeer,

evenmin kunnen

God

We

te

vinden.

hebben

er

Gods alomtegenook behoefte aan,

van Gods majesteit hemelen

hart naar boven,

't

van

wat

de psalmist zingt:

o

zoo

is

als

in

om ons een eenig middenpunt God als onzen Vader in de sursum corda,

En daarom,

dringen.

te

te

ons onzen

God

deze

denken, onzen en met het te

denken

Maar verder gaan kunnen we

in

niet.

wat richting die hemelen van Gods heerhoe ver ze van deze aarde afliggen, en

plaatselijke definitie gelijkt, ontgaat

we

te

aanbidden,

iets

wereld

ons geheel

;

al

en

zekers zeggen over de wijze, waarop de in

die

hemelen der heerlijkheid plaats

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911

Abraham Kuyper Collection | 579 Pagina's

Pro rege - pagina 526

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911

Abraham Kuyper Collection | 579 Pagina's