Pro rege - pagina 322
of, Het koningschap van Christus. Eerste deel. Het koningschap van Christus in Zijn hoogheid
316
PRO REGE.
wegen
uitwendige vormen zich moest aankondigen,
in
banieren
in
en schilden uitwendig verzinbeeld moest wezen, en door dit „uiterlijk gelaat,'' d.i.
door
maken van hoog
praalvertoon, den indruk moest
dit
boven het gewone leven der menschenkinderen aardsche Koninkrijk kon en kan
de overdreven weelde
noch de
niet,
alle
grenzen
uit te steken.
In het
We bepleiten daarom
dit niet anders.
te
buiten gaande schit-
waarin het Koninkrijk onder een Lodewijk XIV, en het Keizerrijk
tering,
eerst te
Rome
zakelijk
is
zijn
kracht zocht; maar nood-
het nu eenmaal, dat in onzen aardschen toestand
kroon draagt, van het
en later onder Napoleon
gewoon
niet leeft als een
die de
burger, maar in de weelde
hoogheid en de eere van het Rijk afschaduwe.
de
paleis
hij,
Kroon en troon moeten indruk maken, en naar onze aardsche verhoudingen moeten ze dat óók doen door wat voor oogen
oog
boeit. In stand staat
zijn
onderdanen, en het
het
hoogste
is
en het
de Vorst boven den hoogsten stand onder is
levensniveau
daarom uitga.
hofhouding boven
eisch, dat zijn
Maar deze noodzakelijkheid
vindt
haar grond in den aard en in het karakter van onze aardsche huis-
houding, van maatschappij en
Daar nu Jezus' Koninkrijk
staat.
niet
aan die aardsche maatschappij, maar aan een hooger levensexistentie stempel
zijn
ontleent,
doordrongen van
al
van
maatstaf
en
sprake
elk praalvertoon
eere-schittering,
was naar
het
geen
van Jezus
discipelen
kon
bij
zijn,
en dat te
diep
Koningschap
Jezus'
de hoogheid van Jezus' Koningschap
zijn
hierbij
viel
de
van de waarheid, dat
praalvertoon
zulk
moesten
zijn
te
behoorden
zij
in staat
herkennen, ook
weg. Hier gold een geheel andere niet
voor het oog, maar
in
de
ziel,
die grootheid en eere, dat de jongeren moesten
grijpen.
En
niet
anders stond het met het andere kenmerk van het aardsche
Koningschap digen
:
het machtsvertoon en het
aardschen
toestand
uitwendige macht geen
is
wapengeweld.
In
den hul-
zonder de beschikking over zulk een
Koninkrijk,
althans
niet
in
een Staat van
grooteren omvang, denkbaar. In onzen toestand stuit elke heerschende
macht gedurig op verzet van kwaadwilligheid
of
op gevaar dat van
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 579 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 579 Pagina's