Pro rege - pagina 390
of, Het koningschap van Christus. Eerste deel. Het koningschap van Christus in Zijn hoogheid
384
PRO REGE.
Vader
en
alles
aan
zelf
maar
herboren
het
in allen
zijn,
d.
w.
maar
enkelen
in
uit
heel ons menschelijk geslacht als zoodanig.
in
Drieëenig
ons geslacht,
En wel
blijft
Christus ook dan nog het Hoofd van die herboren menschheid
de
en de Koning van dit geslacht als
dan weg. De aansluiting
valt
en
God
geslacht aan, en zal
niet
z.
zijn
menschheid
Vader!
en
mij
in
gebed,
hoogepriesterlijk
God
meer
niet
hetgeen
zijn
heilig Koninkrijk, zich voor
geslacht vooraf.
volk
van
daarom
treedt
aan
nu op de enkelen, maar
gelijk
na het paradijs
niet plotseling
zijn
in
ons
komst gaat een lange voorbereiding in
Abraham en
den stam van Juda,
in
Israël,
en toepassing van het
oogen had gesteld.
naar het vleèsch
wel
God
de schepping van ons geslacht, als doel van
in
maar
op,
En
zijn.
„Zij allen één, gelijkerwijs Gij
U." De verhooring
op
De Messias
alsdan een volkomene
zal
in Christus één. ik in
maar de tusschenschakel
zijn volk,
in
zijn zaad,
in
het
het Huis van David, in
het
gezin waaruit Maria geboren werd, en tenslotte in de persoon
van
Maria
paradijs
de geestelijke
af
Abraham op op den van was.
schappij
in
de
profetie, dit
die eveneens over
volk zich voortzet tot
toen Davids Huis lag neergeworpen, het grooter deel
ballingschap omzwierf, en zelfs de tempel verwoest
in
En nu
tweeërlei
lijn
volk Israël gaat, en in
het
tijd
Israël
moedermaagd. En daarnaast loopt dan van het
de
als
is
het
in
eenerzijds
profeteert,
over
zijn
deze profetie opmerkelijk, dat ze gestadig
volk,
het
herstel
van Gods eigen heer-
maar ook anderzijds de komst van een
Messias, van een tusschenpersoon, van een Middelaar, die tusschen
God
en
wind
zal voeren.
God die
zelf
zijn
volk zal staan, en aanvankelijk zelf het koninklijk be-
koning moet voor
uitsluitend
schappij in zijn blik
van
Ook
een
Naam
hier
dus de beide momenten. Eenerzijds, dat
zijn,
en anderzijds dat er een Messias optreedt
God
en
uitoefent,
tegenstelling
tot Zijn
eere deze koninklijke heer-
zonder dat er ook maar één oogen-
tusschen deze beide sprake komt.
Ook
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 579 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1911
Abraham Kuyper Collection | 579 Pagina's