Afgeperst - pagina 97
BIJLAGEN.
93
Daarmede ging altoos gepaard een zeer onaangename houding tegenover de zending, die door de ambtenaren werd beperkt in haar terrein. Men kon altijd zien, dat de Regeering in Nederlandsch-Indië eigenlijk veel meer sympathie gevoelde voor de Mohammedanen dan voor de missionarissen die aldaar optraden.
De naire,
strijd
daartegen gevoerd,
is
uitgegaan, deels van anti-revolution-
deels van liberale zijde, en door de onmiddellijke samenwerking
van die beide elementen is het conservatisme er door ondergegaan, geheel uit de koloniale politiek teruggedrongen en zijn wij geraakt in een toestand, waarbij wij niet meer de exploitatie, maar de materieele en geestelijke exploratie van Indië hebben gekregen, het landrentestelsel hebben verdedigd en tevens het standpunt, dat wij onze cultuur naar Indië moesten trachten over te brengen. Daar ging vanzelf mede gepaard het feit, dat men van liberale zijde van dit oogenblik af de zending niet zonder zekere toegevendheid heeft beschouwd ik zal niet zeggen heeft aangewakkerd maar in elk geval de groote beteekenis van de zending voor Indië erkend heeft. Die geest is van lieverlede gelukkig doorgedrongen in Indië, ook bij de ambtenaren, en de verhouding tusschen de ambtenaren en de missionnarissen is geheel anders geworden en er is een gelukkige toestand ontstaan. Nu mag ik niet ontveinzen, dat ik inderdaad bevreesd ben, dat dit geschrift van den heer Snouck Hurgronje een spaak in het wiel zal
—
—
en weder een strijd in het leven zal roepen, die langzamerhand een zeer ernstig en ten slotte een zeer bitter karakter zou kunnen aansteken
nemen. Daarom vooroorloof ik mij er een enkel woord over te zeggen, ook omdat ik nu reeds in liberale organen gelezen heb, dat onze tegenwoordige Minister van Koloniën de stemmen, tegen dit geschrift opgegaan, wel tot zwijgen zou brengen, evenals hij twee jaar geleden door een minder gelukkige uitdrukking, die hem ontvallen was, aanleiding er toe gegeven heeft om de meening ingang te doen vinden, dat hij zich bij het punt in quaestie geschaard had aan de zijde van de liberalen, en optreedt tegen zijn eigen geestverwanten en tegen die politieke richting, die steeds door hem was voorgestaan. Ook met het oog daarop is het niet van belang ontbloot, iels over deze quaestie te zeggen om daardoor tot meer klaarheid te komen. Ik stel op den voorgrond, dat het geschrift van den heer Snouck Hurgronje, evenals alles op dit gebied van dien schrijver, met groote kalmte en waardigheid is geschreven en wat zijn beschouwingen omtrent Indische toestanden betreft, op aller waardeering recht heeft. Men weet, dat onder de oriëntalisten, vooral onder de oriëntalisten in Engelsch-lndië, in den laatsten tijd meer en meer stemmen zijn opgegaan om het Islamisme zóó op te hemelen, dat alle beschuldigingen, die de historie daaromtrent inbracht, alsof de Islam niet door geestelijke motieven, maar door wapengeweld zijn invloed had zoeken uit te breiden, ter zijde worden gesteld. Men heeft getracht de meening ingang te doen vinden, dat de strijd voor den Islam niet is geweest een strijd van gezag, maar een strijd van beginselen. Nu heeft Dr. Snouck Hurgronje in zijn geschrift naar waarheid aan-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Abraham Kuyper Collection | 120 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Abraham Kuyper Collection | 120 Pagina's