Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

In Jezus ontslapen - pagina 49

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

In Jezus ontslapen - pagina 49

2 minuten leestijd

:

39 tot

Gods Troon versterkt

,

tot zijn levenstaak hier

beneden

terug-

te keeren.

Die wandelingen nu onder de geesten voor Gods Troon, kan Jozua niet zichzelven nemen. Ze moeten hem gegeven worden. Immers tot de naaste omgeving van den Troon heeft niemand toegang, dan die is toegelaten. Daarom staat er: „Ik, zoo zegt de Heere, zal u wandelingen geven onder hen die hier staan."

En

al is

het nu zoo, dat dit heilig voorrecht hier uitsluitend

aan Jozua, in zijn hoedanigheid van hoogepriester gezegd, dit gold alleen onder het Oud Verbond als en beperking. Onder het Nieuw Verbond heeft al wie is, de zalving van den Heilige, en een ieder verloste zijn plaats in het koninklijk priesterdom, en mag naderen voor zijn God. ,

wordt toeuitsluiting in Christus heeft thans als priester

Toch moet er een reden, een oorzaak zijn, waarom God de Heere zulks in dien vorm aan Jozua toezeide. Op zichzelf zoudt ge verwacht hebben dat er stond Ik zal u de toelating, den toegang geven tot den Troon der genade tot Mij als uw God, tot het hart van uw Vader die in de hemelen is. ,

:

,

Doch dit staat er niet. Er wordt niet van regelrechte gemeenschap met het Eeuwige Wezen, maar van wandelingen onder de engelen gesproken. Beteekene dit nu in strekking al hetzelfde, toch wijkt het afin den vorm van uitdrukking, en het is hierop juist, dat zich onze aandacht

De

richt.

diepste drang der mystiek richt zich altoos op

gemeenschap met het Eeuwige Wezen zelf, doch brengt dan ook het gevaar met zich, dat de ziel in haar heimwee tot in het Wezen Gods wil doordringen en juist daardoor vervalt tot gruwzame heilig,

schennis.

de historie der mystieken weet er maar al te droef verhalen. Wat op die wijs met den geest begon, vermengde ten slotte geest en vleesch, door de grenzen tusschen God en zijn schepsel niet te eerbiedigen. En juist dat gevaar nu wordt hier afgewend, doordien God de Heere heenwij st op de levenswereld om zijn Troon. De tegenstelling is niet: God en de wereld, maar heel anders onze arme levenswereld hier op aarde en de rijke levenswereld die daarboven om Gods Troon is. Juist zooals ons de heilige apostel de tegenstelling maakt als hij zegt „ Indien gij clan met Christus opgewekt zijt, zoo zoekt de dingen die boven zijn waar Christus is, zittende ter rechterhand Gods. Bedenkt de dingen die boven

Helaas,

van

te

:

,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912

Abraham Kuyper Collection | 236 Pagina's

In Jezus ontslapen - pagina 49

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912

Abraham Kuyper Collection | 236 Pagina's