Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

In Jezus ontslapen - pagina 145

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

In Jezus ontslapen - pagina 145

2 minuten leestijd

?

,

135 eindelijk de duurzame toestand zal verworven zijn. Als het worden uit zal hebben, en het eeuwige zijn zal intreden. Als ge zijn zult, wat ge eeuwiglijk blijven moet.

Daar geen heimwee meer naar hooger, maar op den hoogsten top

uw

tabernakel

woonstede, en daarin

u

uw

God bereid, uw onvergankelijke onveranderlijk geworden wezen.

door

Geen klimmen, maar ook geen dalen. pelgrimsstaf weggeworpen en met heel uw

De

,

genoten in de

ruste die

God voor

zijn

ziel eeuwiglijk volk heeft bereid.

XXXII. „3)e bittgen bie niet beroegelijï ^ijn" En dit woord: Nog eenmaal; wijst aan de verandering der bewegelijke dingen als welke gemaakt waren, opdat blijven zouden de dingen die niet bewegelijk zijn. 27. Hebt: 12 ,

:

„Hier beneden het worden, eens daarboven het zijn!" Hebt ooit, met krachtig voorgevoel, de heerlijkheid als vooruit doorleefd, die in dit „niet meer worden", maar „eeuwiglijk zijn" u tegenschittert Ons worden hier is ons gestadig veranderen. Op den weg dien wij betreden is, gelijk de dichter zong, geen voetstap die beklijft. Al het heden wordt verleden, schoon 't ons toegerekend ge

blijft.

En let wel, dat rustelooze van het „worden" is geen straf voor de zonde. Zeker, de zonde heeft ook dat worden en verworden, en veranderen op schrikverwekkende manier verergerd. De dood en het graf toonen het wel, wat er, als bittere vrucht der zonde van onzen persoon van ons leven van onzen werkkring, van ons geluk, en van onze aardsche idealen tenslotte ,

,

,

,

wordt.

Zoo zou het, buiten zonde, niet zijn toegegaan. Door éénen mensch is de zonde in de wereld gekomen en door de zonde de dood. Maar toch, ook zonder en buiten zonde, zou in deze bedeeling ,

de gestadige verandering, het rusteloos worden, tot onze natuur

hebben behoord.

God

schiep ons in oorspronkelijke gerechtigheid ongetwijfeld Adam gerechtigheid , heiligheid en wijsheid'. Maar hij bezat dit geestelijk goed niet, om te blijven die hij was en waar hij was. Tot nog veel hooger en heerlijker was hij

en in dien zin bezat

,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912

Abraham Kuyper Collection | 236 Pagina's

In Jezus ontslapen - pagina 145

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912

Abraham Kuyper Collection | 236 Pagina's