In Jezus ontslapen - pagina 76
66
moeten, duurt de historie hier op aarde voort, is het leven hier op aarde nog niet afgeloopen, en moet dus wie ten eeuwigen leven zal ingaan, uit dit leven worden uitgeleid, van de levenden geheel worden afgescheiden, deze wereld voor een vaarwel zeggen, en daartoe zijn lichaam afschudden, om nu, van het lichaam dezes doods vrijgemaakt, alvast, en in afwachting van wat daarna komt, ten hemel in te gaan. Anders zou hij op aarde moeten blijven, en wachten tot het laatste kind op aarde geboren was en de historie een einde nam. Hij zou hier op aarde moeten blijven al den tijd tot aan de wederkomst des Heeren. En dit nu spaart de Heere zijn heiligen. Hij weet, dat dit eindelooze hier op aarde blijven, hun een ondragelijke last zou worden. Hij weet, dat zijn heiligen hier op aarde nog door allerlei zonde en ellende gekweld worden. En dat ze in de ziel een heimwee dragen, om uit dien min-heiligen toestand verlost te worden. Hij hoort dat diepe roepen, dat nu en dan uit de ziel van ellendig mensch wie zal mij verelk geloovige opklimt „ Ik lossen uit het lichaam dezes doods." En daarom roept Hij ze af. Daarom maakt Hij aan dien toestand voor hen een einde. Daarom laat Hij ze niet wachten maar laat ze nu alvast in zijn hemel binnen, opdat ze daar, veel heerlijker dan op deze aarde de wederkomst des Heeren verbeiden kunnen. En al gaat dit door het sterven, dat sterven maakt Hij hun zacht, voor elke aanraking met den eigenlijken dood vrijwaart Hij hen, en zijn engelen wachten hen aan de andere zijde der poorte op, om hen in het Vaderhuis binnen te dragen. Vandaar dat voor de geloovigen zulk sterven eengenadeis geworden. Een genade, waarom ze hier op aarde reeds naar God roepen. Maar zeer zeker een genade, waarvoor ze Hem, bij hun binnentreden in zyn hemel, vuriglijk danken. tijd
,
!
:
,
,
XV. „3)e tranen afttriSêdjen". Hij zal den dood verslinden tot overwinning, en de Heere Heere zal de tranen van alle aangezichten afwisschen en Hij zal de smaadheid zijns volta van de gansche aarde wegnemen; want de Heere heeft het gesproken. 8. Jesaia 25 ;
:
In
het land door
God voor
zijn
heilige
Openbaring gekozen,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Abraham Kuyper Collection | 236 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Abraham Kuyper Collection | 236 Pagina's