Afgeperst - pagina 104
100
BIJLAGEN.
van hetgeen tusschen hem en den drager van de Kroon hij, dunkt mij, daarmee toonen geen juist inzicht te hebben in de positie die hem tegenover den Kroondrager voegt. Maar volgt daar nu uit, dat er geen geval denkbaar is waarin de drager van de Kroon zelf kiest, zelf beslist, en aan den Minister geen andere uitweg blijft dan om, indien hij zich daarmee niet kan vereenigen zijn ontslag aan te bieden ? Laat mij wijzen op een gansch ander geval, veel interessanter. Er der bladen gewezen op de vraag of, waar de Kroonis reeds in één drager bij de aanvaarding van zijn Koninklijke betrekking den eed of belofte moet afleggen, het dan niet aan hem staat welke van die twee hij kiezen wil. Maar ik zal wijzen op een nog veel gewichtiger, op een veel ernstiger geval. Gesteld dat een Kroondrager optreedt die nog ongehuwd is. Nu is het natuurlijk voor de dynastie en voor het land een zaak van het hoogste gewicht, dat de Kroondrager niet ongehuwd blijve dat de mogelijkheid worde gecreeëerd, dat de dynastie zich voortzette. Maar zou men nu werkelijk bedoelen, dat, wanneer er een drager van de ik huw niet de Minister dan zou moeten Kroon was die zeide zeggen dan bied ik mijn ontslag aan ? Gesteld er is een drager van Ik wil wijzen op een tweede voorbeeld. de Kroon, die, om welke reden dan ook, in het officie verder geen smaak heeft en zegt ik wil afstand doen van de Kroon ook natuurZal dan ook in dat geval lijk een zaak van het alleruiterste gewicht. de Minister moeten optreden om dit den Kroondrager te verbieden en Dat zijn metals gij dat doet, bied ik mijn ontslag aan ? te zeggen deelen
te
was voorgevallen, zou
;
—
:
:
:
;
:
terdaad
voorstellingen
die
tot
niets
anders
leiden
—
de
heer
Van
Houten heeft eens gesproken van de Kroon als ornament van het dan dat men den drager van de Kroon zou maken Staatsgebouw En ik geloof, dat het inderdaad tot een constitutioneele wajangpop. niet zou getuigen van eerbied voor den persoon van den Kroondrager,
—
als
men hem
stellen
in
onder de
de
waarin de persoonlijkheid spreekt, ging onder de curateele van den Minister.
dingen
tuteele,
Ten derde en vierde inzake het Onderwijs. Een verdere opmerking van Mr. Drucker geldt het onderwijs. werd gewezen op het Kabinet-Roëll en op het Kabinet-Pierson, om aan te geven, hoe die Kabinetten waren, die een niet te groot program hadden genomen, maar dan ook dat programma stipt en strikt hadden uitgevoerd. Het Nu heb ik wat het onderwijs betreft nooit verborgen, dat ook is zoo. ik tegen het beleid van dit Kabinet wel eens bedenkingen heb. Ik heb een vorig maal aangedrongen op het in het leven roepen van een Departement van Onderwijs en dat werd met kort gebaar afgewimpeld. Er is sprake geweest van het Unie-rapport. Dat moest eerst bekeken worden, in het daaropvolgende jaar moest het worden overwogen in Dit Kabinet had niet gedaan aan onderwijs, en daarbij
;
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Abraham Kuyper Collection | 120 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Abraham Kuyper Collection | 120 Pagina's