In Jezus ontslapen - pagina 26
16
In de beide gekozen beelden was dit zoo. Als de tarwekorrel aan de aarde wordt toevertrouwd, is de halm en de are er niet aanstonds, maar gaan maanden voorbij. En toch toen Salomo den tempel bouwde was de tabernakel reeds voor lange jaren van zijn eerste heerlijkheid beroofd. En zoo nu ook verloopt er een van God bestelde tijd tusschen het oogenblik dat we ons sterfelijk lichaam in den dood loslaten en van ons afschudden, en dat andere oogenblik waarop Christus, met zijn heilige engelen verschenen, ons sterfelijk lichaam gelijkvormig zal maken aan zijn verheerlijkt lichaam door die wondere, Goddelijke kracht, waarmee hij alle dingen aan zichzelven onderwerpt. Toch is dit verloop van tijd niet voor allen even lang. Het langst voor de patriarchen van vóór den Zondvloed, het kortst voor wie het laatst op aarde zullen geboren worden. En vlak vóór Jezus' wederkomst zullen er verlosten van Christus op deze aarde zijn, wier sterven met hun opstanding zal saamvallen, of, beter gezegd, die niet zullen sterven, maar wier sterfelijk lichaam op eenmaal in hun heerlijk lichaam zal veranderd worden. Tot twee malen toe roemt de apostel het geluk dezer laatsten. Eerst in 1 Cor. 15. Dan in 1 Thess. 4. En dit is het wat hij in 2 Cor. 5 noemt, niet ontkleed, maar overkleed worden. Op hetzelfde oogenblik het aardsche kleed van ons laten glijden, en ons verheerlijkt lichaam aandoen.
Dat „ bekleeden ", „ ontkleeden " en „ overkleeden " is een nieuw beeld door den apostel in het beeld van den tabernakel ingedragen, wat te gereeder kon, omdat de tabernakel uit dekkleeden en gordijnen bestond. De tent van den Bedoeïen is nog zijn tweede kleed, dat hij, waar hij henen trekt, met zich voert. In duidelijkheid schiet het dan ook niets te kort. Op aarde zijn we bekleed met ons sterfelijk lichaam. We worden ontkleed als we dit aardsche lichaam afleggen. En we worden overkleed, als we tot die enkelen behooren, die in één punt des tij ds het sterfelijke met het heerlijke lichaam verwisselen. Die velen daarentegen, by wie tusschen hun sterven en hun wederopstanding een korter of langer tijd verloopt, zijn gedurende dien tijd „ ontkleed", of, gelijk de apostel het ook noemt „naakt". Verreweg der meesten lot. En de gedachte hieraan nu heeft voor den apostel iets smartelyks.
Hy
verheelt het toch niet, dat
we „in dezen
tabernakel
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Abraham Kuyper Collection | 236 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Abraham Kuyper Collection | 236 Pagina's