Afgeperst - pagina 113
109
BIJLAGEN.
alle politieke overleg, gezamenliji< ons thuis gevoelen in een eigen levens- en wereldbeschouwing, welke wij in andere kringen niet terugvinden, en dat wij daarom, hoe het ook moge gelukken om op een
van
punt ons
acuut
slaan, altoos naar elkander zullen de belijdenis van Christus als God, het groote element, dat ons metterdaad altoos
uiteen
tijdelijk
worden getrokken,
juist
voor ons gegeven
is
omdat
te
in
weer samenbrengen zal. en nu wend ik mij ten slotte weer tot de Regeering Juist daarom meen ik er op te moeten wijzen, dat het Kabinet er toch indachtig aan zij, dat het in 1913 niet de eenige vraag zal worden, of men vóór het Kabinet wil optrekken, maar dat de hoofdvraag zal zijn of er bezieling en geestdrift in de gelederen zal wezen. En nu wil ik dit wel zeggen de gelederen zullen geordend worden, als één man zullen zij optrekken en de fakkels zullen gereed liggen om straks den triomfmaar, of die fakkels ontstoken zullen worden, tocht op te luisteren zal hiervan afhangen, mijn heeren Ministers, of van u de vuurvonk zal uitgaan die de op zich zelf doode fakkels in laaien gloed zal zetten en werkelijk zal doen opvlammen.
—
—
:
;
Hieruit
ziet
het pogen vrij
te
om
men,
peroratie geheel gewijd
mijn
dat
voor de Stembus
in
1913 de
lijn
was aan
voor het Kabinet
krijgen.
VII.
Mijn Pays en Vree, een vrede, die zoo jammerlijk door Dr. de Visser, geheel tegen zijn bedoeling, verstoord werd.
Mijnheer de Voorzitter Ik heb niet het woord gevraagd om mij voor maal in de algemeene discussiën te mengen, maar omdat ik !
de derde
meen
Nu
als
steller
begin
ik
van het persoonlijk
gaarne met
te
feit
daartoe het recht te hebben.
erkennen, dat het wel schijnt dat, hetzij
mijn houding, hetzij mijn woorden, nu en dan een irriteerende werking
op anderen hebben. Natuurlijk betreur ik dit en hetgeen ik daarbij altijd het bedroevendst
vind
is dit,
dat dikwijls iemand die zulk een irriteerende prikkeling door
mijn woorden onderging, het niet zegt, maar het verzwijgt en er rancuneus
Daarom stel ik het te meer op prijs, dat het Kabinet, nu weer door mij iets gezegd was dat irriteerde, daar niet op gezwegen heeft, maar daarop heeft gereageerd. Nu dacht ik eerst: het was toch wat hard er zóó op te reageeren maar thans moet ik zeggen rixae amantiiim saepe amoris redintegratio : het gebeurt niet zelden onder verliefden, dat juist de liefdesgeschillen kras worden aangezeten
over
blijft.
blijkbaar
;
:
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Abraham Kuyper Collection | 120 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Abraham Kuyper Collection | 120 Pagina's