Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 156

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 156

3 minuten leestijd

XXXVIII. „t^routoe, 31c utu 30011.' Jezus nu, ziende zijne moeder en den discipel, dien hij lief had, daarbij staande, zeide tot zijne moeder: Vrouwe, zie, uw zoon. Joh. 19 26. :

Jezus mijdt eerst den moeder-naam. Hij zegt niet: „Moeder, lieve Moeder", maar schijnbaar in koeler zin: Vrouwe, zie, uw zoon. En dan eerst spreekt hij tot den discipel dien hij lief had: „Zoon, zie, uw moeder'. Maar wat hemzelven aangaat, wordt van geen hinder- en van geen moeder-betrekking gerept. Zoo was het niet nu pas. Eeeds te Kana in Gralilea, toen hij het water in den wijn verkeerde, heette het van zijn lippen niet Moeder, maar „Trouwe", wat heb ik met u te doen? Toen het volk van Ivapernaüm riep „Zie, uwe moeder en uwe broeders zoeken u", antwoordde Jezus hun, zeggende „Wie is mijne moeder of mijne broeders? Zoo wie den wil van God doet, die is mijn broeder, en mijne moeder". En zelfs reeds toen hij, nauwelijks twaalf jaar oud, in den tempel was achtergebleven, en zijn moeder hem met angste zocht, staat met geen woord, dat hij den moedernaam uitsprak. Nergens, bij niet één der Evangelisten, lezen we, dat Jezus ooit in zijn openbaar optreden in Maria zijn moeder begroet heeft. Dit kan niet gevallig, het moet voorbedaehtelijk geschied zijn. Hij stond niet als kind tót zijn moeder, maar zij als verloste en begenadigde tot hem haar Heiland in zielsbetrekking. Niet hij geloofde in haar moederhart, maar zij was door geloof aan haar Verlosser verbonden. Boven alle vrouwen daarin begenadigd, dat zij den Heiland der wereld onder haar hart had mogen dragen, dierf ze wat voor elke andere moeder zoo rijk en zoo schoon is: de afhankelijkheid, waarmee anders de volwassen zoon aan zijn bejaarde moeder kleeft. Zoo dikwijls zij die weelde zoekt, wordt ze teederlijk door Jezus teruggewezen. Hij kon niet voor haar zijn, wat anders een zoon voor zijn moeder moet wezen. De band van het Hord was hier in den band des r/eestes, die haar aan haar Heiland verbond, opgegaan. Eerst hier bij het kruis, vlak vóór het Volbracht van Grolgotha klonk, is het de aardsche band, die weer meê gaat spreken. Had Simeon het haar niet reeds in den tempel voorzegd, dat eens een zwaard door haar ziel zou vlijmen? En nu het daaraan toe is, nu ze tegelijk als verloste gelooft, maar ook als moeder lijdt, zoo als geen ander bij Grolgotha met en om Jezus lijden kon, nu eerst gedenkt Jezus de leegte die in haar :

:

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912

Abraham Kuyper Collection | 208 Pagina's

Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 156

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912

Abraham Kuyper Collection | 208 Pagina's