In Jezus ontslapen - pagina 104
,
94
En met het oog op die toekomst nu wordt het ons door Jezus toegezegd: „Hem die overwint en mijne werken (niet die der heidenen) bewaart ten einde toe, zal Ik macht geven over de heidenen en hij zal ze hoeden met een ijzeren scepter, zij zullen als pottenbakkersgerei vermorzeld worden, gelijk ook ik van mijn Vader ontvangen heb." In de kerk van Thyatire was de toestand verbijsterend. Een toestand als onder Achab en Izebel in Israël. Een groep van belijders, onder leiding van een vrouw van invloed en aanzien, voerde in Christus' kerk den gruwel van Baal-Peor in. Onder vromen schijn den schandelijksten zinnedienst. Het echte heidensche wezen uit de dagen toen Piuehas met zijn spies Zimri den hoereerder en Kosbi de Mideanietische doorstak nu reeds nog terwijl de apostelen leefden, in Christus' kerk binnendrongen. En zulks niet als schuilend kwaad, maar als openlijk aanbevolen stelsel, en in den Eeredienst zelven als een deel ervan opgenomen. Iets wat later zich onder Doopersche secten herhaald heeft, en in de kringen van het Mysticisme vaak nog persoonlijk nawerkt, maar van de Nicolaieten, in de tweede eeuw van Christus' kerk, het eerst naar de Manichaeën oversloeg. Ge verstaat het niet, en toch was het zoo, de gruwelijkste dienst van het vleesch gemengd in de vereering en aanbidding van hem, die het aanzien van een vrouw om haar te begeeren, reeds overspel keurde in het hart. Van twee kanten greep het heidensche wezen het wezen van de Christelijke religie aan. Yan buiten en van binnen. Vcm buiten door onderdrukking, vervolging en poging tot uitroeiing. En van binnen door vergiftiging met heidensche zonde en zinnedienst. De beul woedde in opdracht van het Heidendom met het zwaard. De vrouw, als draagster van het heidensch gif, woelde met haar verlokselen. Altoos weer Achab die de profeten vermoordt, en Izebel die het volk verleidt tot zonde. Het heidensche wezen dat, gevoelende hoe het, zoo Christus triomfeert, in den dood moet, al zijn macht en al zijn zinsbegoocheling aanwendt, om, kon het, het Christelijk wezen te ,
,
vernietigen. Hier, telkens, toestanden, wint, en Christus ondergaat.
,
,
heidensche wezen het Christus op Pathmos, bij het aangaan van den wedloop, het zijn kerken toeroepend: Mits ge volhardt en uzelve overwint wacht u eens de volkomen triomf over het heidensche wezen. alsof het
En daarom ,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Abraham Kuyper Collection | 236 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Abraham Kuyper Collection | 236 Pagina's