Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 202

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 202

3 minuten leestijd

190 in het zestiende kapittel, het zesde vers, „als Ik bij u voorbijging, zoo zag ik u liggen vertreden zijnde in uw bloed, en Ik zeide tot u in uwen bloede Leef, ja. Ik zeide tot u in uwen bloede Leef." In taal en toon spreekt hier reeds de heftigheid der aandoening bij het zien van bloed. En er staat bij „Green oog had medelijden inet u, om zich over u te erbarmen." In den mensch was het menschelijke verstompt. Maar bij Grod was erbarmen, en het zien van het lauwe moederbloed, waarin het pasgeboren bij kindeke zich baadde, gaat de taal der ontferming uit. „Ik zeide tot u in uwen bloede Leef." En die heftigheid der aandoening bij het zien van bloed, klimt met het klimmen des gevaar». De kleine wonde verdraagt ge, maar elke wonde, die uit doorgesneden aar het bloed tappelings doet uitsijpelen, grijpt u aan. Dijt het stroomende bloed zich tot een plas uit, zoo maakt zich onrust van u meester. Teekent zich tegen het rood van het bloed het lijk wit op het gelaat af, dan wordt uw onrust en angst doodsschrik. En spreekt het bloed, dat uw oog bij het lijk ontdekt, van moord, zoo is het of u het eigen bloed in de aderen stolt. Er is niets dat heftiger onthutst dan het zien van zulk vergoten menschenbloed. Tot bloeddorst kan het uw passie prikkelen. En of al op het slachtveld het oog zich tegen het bloed staalt, als de woede van den slag uit heeft, is het zien van het vergoten bloed weer even schrikkelijk, omdat ge gevoelt hoe in dit bloed menscJielijk leren is uitgevloeid. „De ziel is in het bloed", dus sprak Mozes reeds in de woestijn tot het uitgeleide volk.

Ezechiël

:

:

:

:

En

dat

is

het.

In het menschenbloed golft het menschelijk leven. Als dat bloed wordt uitgestort, is de ziel zelve van het lichaam geweken. En daarom spreekt vergoten bloed zoo heftig uw eigen ziel toe, en maakt uw eigen bloed in u zoo onrustig.

Nooit had het bloed van één enkelen mensch moeten vergoten worden. Het bloed is de stroom in ons, die ons leven draagt. Ons vleesch en ons gebeente zijn als de bedding, waar ons het bloed doorheen vloeit.' Het golft door ons hart bij eiken polsslag. En hoe heftiger ons gemoed in beweging geraakt, hoe sneller het bloed ons door de aderen jaagt, ja, opvliegt, opstuift naar ons aangezicht. Maar dat bloed moet besloten blijven. Het moet schuilen. Het moet verborgen zijn. En ook waar het ons gelaat hoogrood tint, en ons vleesch spant en zichtbaar dooradert, toch mag het als bloed nooit gezien worden.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912

Abraham Kuyper Collection | 208 Pagina's

Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 202

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912

Abraham Kuyper Collection | 208 Pagina's