Afgeperst - pagina 100
96
BIJLAGEN.
meen
Ik
hier
nog
mogen
te
bijvoegen,
omgeving
dat dit
alles
veel sterker
van onzen Archipel. Het Oosten is eenmaal geheel anders dan het Westen. Wij Westerlingen zijn op religieus gebied verreweg de minderen van de Oosterlingen. Wij Wesgeldt in een Oostersche
als
experimenteel en intellectualistisch aangelegd, maar volwat men kan zeggen, religieus van eigen aanleg. Er is dan ook uit Europa niet één wereldgodsdienst opgekomen en de godsdienst, die nu in de meeste Staten van Europa de heerschende is, de Christelijke, is niet uit het Westen zelf ontstaan, maar is van het Oosten naar het Westen overgebracht. Wij moeten dus, wanneer wij deze quaestie bespreken, altijd voor oogen houden, dat wij in de Oosterlingen op religieus gebied met onze meerderen te doen hebben en dat wij, vergeleken met de Oosterlingen, verreweg de minderen zijn. Alle groote wereldgodsdiensten zijn uit Azië opgekomen, maar ook terlingen strekt
zijn
niet,
vast,
staat
dat er niet één cultuur
opgekomen
is
in Azië, of zij heeft
een religieuze opvatting tot grondslag gehad. Waar nu dit zoo is, vraag ik mij af, wat zou dan de uitkomst wezen, wanneer wij den weg opgaan door den heer Snouck Hurgronje altijd
aangewezen ?
Mij
dunkt,
de uitkomst deze wezen, zal
losweeken.
twijfel
het
ik,
maar
mogelijk
is,
Of
het antwoord zal dan moeten zijn
dat, gelijk hij
:
dan
zal
meent, de Javaan van den Islam
nu zoo gereedelijk zal gaan als hij meent, beIndië beter dan ik en ik neem dus aan dat dat de Javaansche bevolking zal worden losgeweekt
hij
dit
kent
van den Islam. Ik kan mij voor mij zelf niet ontveinzen ik heb geheel Islamietische landen bezocht dat ik het gevoel heb, dat bij slot van rekening zij die eenmaal Mohammedaan zijn geworden en de belijdenis van Allah en Mohammed hebben beleden, die de opinie hebben gekregen dat zij behooren tot de superieure menschen die door Allah zijn uitver-
—
koren
van
om
zijn
—
heerschappij hier uit te oefenen, daar niet gemakkelijk
Men
ziet dat de Jong-Turken die in Parijs zijn opgevoed Franschen en cultuurmenschen zijn geworden, in hun land teruggekomen, weer door en door Turken zijn geworden, wanneer het er op aankomt voor Mohammed te staan. Wat men hier in het land heeft, dat een Christen het lijdelijk kan aanzien hoe de Christus gesmaad wordt, dat kan nooit in de Islamietische landen ten aanzien van Mohammed voorkomen, ook niet waar het onverschilligen betreft. Het gevolg van een dergelijk optreden betreffende de opleiding van kinderen van den Javaanschen adel op scholen van het Gouvernement zou geen ander zijn, dan dat een klein deel tot de vrijdenkerij oversloeg. Nu heb ik die vrijdenkerij in Algiers, Tunis, Marokko, Egypte en Klein-Azië gezien, en weet hoe daarover geoordeeld wordt in de vrijdenkers daar ziet men niet anders dan de vlegelachtige elementen van de bevolking, die door iedereen worden nagewezen en uitgejouwd zoo-
en
af gaan.
halve
;
ook geminacht worden de Islamieten van oorsprong, die, als er Dit bij zijn, ten nadeele van Mohammed en Allah spreken. zullen er intusschen maar enkelen zijn, doch de overgroote meerder-
als
Christenen
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Abraham Kuyper Collection | 120 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Abraham Kuyper Collection | 120 Pagina's