Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 104

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 104

2 minuten leestijd

92

hij

Zoo alleen is hij de Man van smarten. Man van smarten, omdat en hij alleen waarlijk de Knecht Grods was.

En

zie,

de

menschelijk besef, om tegen dit zijn vlekkelooze concle deugdelijkheid zijner zaak in te gaan, dien gebluscht, heeft hij afgestompt, heeft hij gesmoord

prikkel

allerdiepste lijden, scientie,

met

al

met

van

zijn

zijii

goed recht, met

prikkel heeft hij in zijn eigen ingewand. Zoo is hij het Lam Grods geworden. Hij zag niet op den steen, maar op die dien steen wierp. Hij trok zijn oog af van de zaag, en zag alleen op dien, wiens hand die zaag trok. Een Judas, een Cajaphas, een Pilatus, het waren hem altegader instrumenten, meer niet. Hij, van wien hem dit nameloos lijden overkwam, was zijn eigen Vader, zijn Vader in de hemelen. Neen, Pilatus, neen Cajaphas, neen Judas, gij zoudt geen macht tegen mij hebben, zoo u die niet van boven gegeven ware Omdat Grod het wilde, dat hij lijden zou, daarom wilde hij lijden. Of het hem geen worstelen gekost heeft, vraag dat aan de schaduw van Grethséinané's olijven. Die prikkel om er tegen in te gaan, en dat weten Grod wil het o, ze streden zoo bang in zijn menschelijk hart. Maar toen het weer volkomen klaar en zoo hemelsch helder voor hem wierd: God wil dit lijden, toen ook niet één oogenblik aarzeling meer. Ziet, toen ging hij uit Grethsémané naar Grolgotha, hij, het Lam Grods, dat de zonde der wereld wegdroeg. !

:

!

XXI V. Wttnt

niet

ota

mij,"

En Jezus, zich tot haar keerende, zeide: Gij dochters van Jeruzalem, weent niet over mij, maar weent over uzelven, en over uwe kinderen.

Lukas 23

:

28.

Een traan uit deernis om wat gij lijdt, uit ander er oog te zien af biggelen, vooral zoo die andere een vreemde is, stilt niet, maar verzacht toch uw smart.

En voor die verzachting was ook uw Heiland op den lijdensweg ontvankelijk. Zijn klacht tot Petrus: „Kunt ge dan niet één ure met mij waken?" toont dit. Niet in zijn Goddelijke natuur, maar als" ménsch, heeft Jezus zijn smartelijk lijden en zijn bitteren dood

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912

Abraham Kuyper Collection | 208 Pagina's

Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 104

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912

Abraham Kuyper Collection | 208 Pagina's