In Jezus ontslapen - pagina 21
,
11
Wie geen ander oog heeft, ziet het dan ook zoo. Wie niet anders dan de wereld kent, kan het niet anders zien. En laat ons het maar bekennen, zooals het is, in het eerste harde oogenblik, als een schok door het hart gaat, ziet ook het kind van God het niet anders. O, het is zulk een somber staren in de holheid en in de donkerte van de vallei der schaduw des Doods als we een aan wie ons hart hing, die angstige vallei zien ingaan. De Dood die zijn prooi voor onze oogen wegsleurt, en wij die het zoo pijnlijk en machteloos moeten aanzien. ,
,
werkelijkheid. De bittere werkelijkheid in het het is laffelijk u zelf bedriegen, als ge die harde werkelijkheid achter lijkkransen en bloementooi wegstopt, of waant troost te geven door algemeenheden over een voorzienige liefde Gods. Er spreekt geen ernst in, het is gebrek aan moed, als ge naar zulk een blinddoek grijpt, om het harde van den dood voor uzelf en voor anderen te verbergen. Gij hebt gebeden en God heeft niet verhoord. Tegen uw gebed in heeft de Dood toch overmocht. Is dan God niet de Almachtige? En waar is dan die voorzienige liefde, dat Hij toch den Dood begaan liet, meer nog den Dood tot u zond, en
Zóó
is
de
zichtbare.
En
,
uw
kranke aan
hem
overliet?
er om en door de zonde is. Word geraakt in uw consciëntie. En beken, dat Gods schrikkelijke toorn in dat sterven wrocht. Zóó kunt ge bij uw dooden althans voor Gods heiligheid beven. Maar van voorzienige liefde te bazelen als God den bitteren Dood het liefste wat ge op aarde hadt van u laat wegrooven dat ge het lieve leven voor uw oogen verdorren vergaan en verslinden ziet, dat is liegen tegen uw eigen hart. Dat kunt ge in de oprechtheid uwer ziele niet. Dat is spelen met woorden tot op het graf.
Neen, zeg, dat de Dood
,
Maar nu komt Gods Woord, en dat Woord keert het, zonder iets ook maar op die harde werkelijkheid af te dingen,
iets,
voor u om. Geheel om.
Voor uw lichamelijk oog is het zóó en niet anders. Maar ge hebt ook een oog in uw ziel. Een oog dat stekeblind blijft, en geen enkelen lichtstraal opvangt, en niets ziet, totdat God u bekeert, en geestelijk ziende maakt. En dan ontsluit zich voor dat oog in uw ziel ook een werke-
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Abraham Kuyper Collection | 236 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Abraham Kuyper Collection | 236 Pagina's