Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 151

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 151

3 minuten leestijd

139 diepe,

schriklijke

verachting,

de

grievende smading en de kren-

kende boon.

Ook die verachting was een deel van den drinkbeker dien hij drinken moest. Reeds eeuwen vooruit had hij het voorzien, en bij dat voorzien, op Davids lippen geklaagd: „Ik ben een worm en geen man. een smaad van menschen, en veracht van het volk. Allen die mij zien bespotten mij, zij steken de lip uit, zij schudden het hoofd, en roepen dan: Hij heeft het op den Heere gewenteld, dat die hem nu uithelpe, dat die hem redde, als Hij lust aan hem heeft!" En toen eeuwen later de Heilige Greest de tweede teekening van Grolgotha door de hand van Jesaia aan zijn kerk schonk, toen werd die „verachting" weer zoo opzettelijk met diepen trek er in geteekend, toen het heette: „Hij was veracht en de onwaardigste onder de menschen; een iegelijk was als verbergende het aangezicht voor hem; hij was veracht en wij hebben hem niet geacht." •En toen eindelijk de ure der duisternis kwam, ja, toen heeft die menigte er werkelijk gestaan, die wilde hoop, die hem uitjouwde en nagilcle en riep om zijn bloed; toen zijn ze er geweest die eervergeten soldaten, die hun spotzucht aan onzen lieven Heiland gekoeld hebben en toen hebben ze met hun helsche troniën daar voor den stervenden Jezus staan razen en tieren, die onmenschelijke priesters en wijzen van Israël, toen ze schreeuwden: „Indien ge nu Grods Zoon zijt, kom dan nu eens af van uw kruis!" ;

In die diepe verachting school iets van den vloek dien Jezus om ons van den vloek te verlossen, voor ons gedragen heeft. Die mannen en vrouwen die zoo diepe verachting over hem uitgoten, deden dat niet uit zich zelven. Die daar achter zat en hen aanprikkelde en de lippen tot lasteren vergiftigde was de oude vijand, die wel geweken was voor een tijd, maar nog altoos Overste der wereld bleef en zijn ure had afgewacht. Uit de hel is die giftige taal van krenkende smading door Satan aan die instrumenten van zijn onheilige woede geïnspireerd. Ze deden wat ze zelf niet wisten. Hoor maar: Vader! zoo bidt Jezus, vergeef hun, want ze weten niet wat ze doen Niet dat die mannen, die vrouwen, die priesters daarom onschuldig zijn. Verre van dien. Al wie, waar of wanneer ook, zich door Satan laat gebruiken, doet daarin schriklijke zonde, dat hij Satan dient, waar hij God moest dienen. 3 Laar dit steekt er dan toch in, dat die personen die toen op Grolgotha zoo nijdig gilden, niets erger, niets boozer, niets slechter waren, dan wij, zoo dikwijls wij ons aan Satan leeneA, om gebruikt te worden in zijn gevloekten dienst.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912

Abraham Kuyper Collection | 208 Pagina's

Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 151

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912

Abraham Kuyper Collection | 208 Pagina's