Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 148

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 148

3 minuten leestijd

136 stervensweeën nog op zijn Goddelijk hart wordt getrapt. „Indien Zone Gods zij f, kom af van het kruis" Zoo blies Satan het hun in. Zoo heeft Jezus het gevoeld. Zoo was de toeleg in de wonde, die Jezus werd toegebracht. Maar zij die voorbijgingen, wisten niet wat ze deden. Zij geloofden niet, dat Jezus de Zone Grods, en het eeuwige Woord, en Israëls Messias was. Voor hen was Jezus een dweper, een die zichzelf misleidde en het volk misleid had. Hun zonde was juist, dat ze niet aan Jezus geloofden. Maar in dit hun ongeloof werden ze de instrumenten van Satan, en door hen heeft Satan Jezus nog in zijn sterven gekweld. In kalme, heilige majesteit heeft Jezus ook dien bittersten aanval doorstaan, en ook hier werd het woord vervuld: de Overste der wereld komt, maar heeft aan mij niets. Niet Jezus, de medekruiseling nam op dit sarrend lasteren het woord Vreest gij Grod niet, daar gij in hetzelfde oordeel zijt ? En toen sprak Jezus van het Paradijs. Green gedachte van weerwraak, hemelsche gedachten vervulden zijn ziel. Maar op ons zet Satan zijn boosaardig handwerk voort. Wij roemen in het kindschap. belijden van Jezus te zijn. betuigen te weten, dat we uit den dood overgegaan zijn in het leven. En nu komt Satan, soms zelf in zielsverzoeking, doch meest door menschen, ook op ons af, en roept ons toe Indien ge dan kinderen Grods zijt, waarom weerstaat ge mij dan niet, waarom kan de zonde u dan nog telkens verrassen, waarom schiet ge dan nog

gij de

;

We

We

:

uw geloof, in uw liefde, in uw heiligen wandel te kort ? In den grond dezelfde lastering van onzen staat. Tegen Jezus Indien gij de Zone Grods zijt, betoon dan de macht van den Zone Grods. Tegen ons: Indien gij een kind van Grod zijt, betoon dan de zedelijke macht van een kind van Grod. Voor ons te banger, omdat we ons dan schuldig weten. Omdat het verwijt in onze eigen ziel op Satans lastering een echo geeft.

zoo telkens in

En

toch worstelen we er tegen in. Schuldige kinderen, maar toch kinderen van onzen Grod. Voor Grod ons verootmoedigend, maar tegen Satan geestelij k-hoog ons verwerend. „Wie zal beschuldiging inbrengen tegen de uitverkorenen Grods ?" En dat moogt ge, dat moet ge, dat kunt ge doen. Maar bedenkt het wel Dat kunt ge, dat moogt ge, niet om wat in u is, maar alleen omdat uw Heiland den beker van lastering voor u heeft uitgedronken, en door geen Satan zelfs u uit zijn hand laat rukken. En daarom voor hem, die stervend aan het kruis om uwentwil de lastering verdroeg, de cijns van uw aanbidding, van uw liefde, van uw nooit eindigenden dank. :

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912

Abraham Kuyper Collection | 208 Pagina's

Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 148

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912

Abraham Kuyper Collection | 208 Pagina's