Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 120
108
Neen, die Joden zouden geen koning meer hebben. Vei worpen van hun staat zouden ze als ballingen, eeuw na eeuw, onder de natiën omdolen, en alleen in den droom der Chiliasten zou het onheilige denkbeeld van een Koning der Joden nog nabloeien. Stervend aan het kruis zag en voorzag en doorzag Jezus den smadelijken ondergang van zijn Israël, dat zich aan hem den nationalen dood at. Yoor wie Israël minde, zooals alleen Jezus het minnen kon, een nieuwe bittere teug uit den drinkbeker, dien hem de Vader op de
hand
zette.
Maar
ook, door den dood van Israël henen, zag Jezus, stervend aan zijn kruis, de geboorte, het opbloeien, het eens gewisselijk tot triomf komen van het „Koninkrijk der hemelen". En in dat Koninkrijk zou zijns de kroon der eere zijn, hem door den Vader zelf g-ereikt.
XXVIII. w
^tjn sdfê offerande."
Om
de zonde te niet te doen, door zijn zelfs Hebr. 9:26&.
offerande.
„Christus en die gekruist", blijft zoolang we onze pelgrimsreize óp aarde voortzetten, het heilig parool, de leuze vol mysterie, het woord der eeuwen, dat ons bezielt. Onze belijdenis is niet een opkomen voor een afgetrokken waarheid, geen ijveren voor een dor stelsel, geen getuigenis, dat over onze lippen komt, om voor denkbeelden en voorstellingen aanhangers te winnen; maar de vrucht van geloof, van geloof in een geestelijke werkelijkheid, die, belichaamd in heel een reeks aangrijpende gebeurtenissen, als een eigen wereld vol licht en liefde en leven voor ons treedt, en van die heilige geschiedenis is de Christus het één en eenig middenpunt. We zijn Christenen. Dus is wat ons onderscheidt, niet dat we aan Grod gelooven, want dat deed Melehizedek ook maar wat ons kenteekent is onze heilige Doop, en die Doop is ons bediend in Christus' naam, opdat we als zijn gekochten, belijden zouden den Drieëenigen Grod. Christus, en hij alleen maakt scheiding tusschen ons en hen die geen Christenen zijn. En de Christus maakt scheiding tusschen hen en ons, niet zooals Mohammed scheiding maakt tusschen dr Muzelmanneiï en die zij de „ongeloovigen" noemen. Alzoo niet omdat we iu hein den stichter .
;
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Abraham Kuyper Collection | 208 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Abraham Kuyper Collection | 208 Pagina's