Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 29

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 29

2 minuten leestijd

17

niemand iets aan hem merkte. En toen Jezus riep dat één hen hem verraden zou, heeft niemand geantwoord: Dat moet Judas zijn. Ze vroegen heel anders: Ben ik het, Heer e? En zeg nu niet, dat dit is, om bang voor u zelven te worden. Immers dat bang zijn voor u zelven, zou juist bewijs van kennis van u zelven zijn en van angst voor de zonde die in u woont. Die sta, zie toe dat hij niet valle. En juist meer dan één uit die gerusten in Sion, die wel op Judas smaalden, maar nooit bang voor zichzelven waren, kwam dat uit

tot dien val het eerst. Zielkundig niet juist,

maar toch zoo aangrijpend waar, is wel gezegd: Er huist een boos dier in uw binnenste, en Satan dat booze dier telkens en telkens weer aan, om u te verscheuren en te verderven. AYie dit niet gelooft, wordt er het eerst door verrast, en zoo God het niet verhoedt, door verslonden. En veilig staat hij alleen, die voor dat booze dier in zijn eigen hart een geopend oog heeft, en wetende dat hij het in zich omeens port

draagt, er tegen waakt en bidt en

strijdt.

X.

Ik zal niet meer veel met u spreken: want de overste dezer wereld komt, en heeft aan Joh. 14

mij niets.

:

30.

Er ligt voor uw menschelijk gevoel iets diep beschamends in, dat uw Heiland op de vraag: Wie is eigenlijk de overste dezer „De overste, het hoofd, wereld ? tot vier malen toe antwoordt de koning van uw wereld, o kind des menseken, is niet uw God, noch zijn Gezalfde, noch ook zijt gij zelf, maar is Satan." ^Yaak is dit misverstaan, en heeft men zich ingezet in den waan, alsof Jezus hiermee te kennen gaf, dat Satan door God als „overste der wereld" was aangesteld. Hiervan is natuurlijk geen sprake. Neen, als uw Heiland, hoe nader hij aan Golgotha komt, met te meer klem er op wijst, dat de overste der wereld Satan is, drukt hij hiermede uit, hoe de toestand feitelijk is. Hij zegt niet: „Satan is rechtens de overste der wereld", noch ook „Satan moet, tot ik hem opvolg op den troon, de overste deiwereld blijven." Al wat' Jezus uitspreekt, komt hierop neer. dat Jezus verklaart

;

:

:

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912

Abraham Kuyper Collection | 208 Pagina's

Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 29

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912

Abraham Kuyper Collection | 208 Pagina's