Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 147

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 147

3 minuten leestijd

135 slachtoffer afgaat, en niet kan rusten eer ze aan een bitter wederwoord merkt, hoe ze haar slachtoffer inwendig giftig getroffen, en doodelijk geraakt heeft. Daarvoor doet dan geen pijl en geen stok en geen sabel, geen geeselkoord noch kruisbalk dienst. Neen, die bitterste woede koelt zijn

zich door het woord. Dan zint de kwelgeest op het snijdendste woord, dat het diepst

kan indringen, en het pijnlijkst kan wonden. En dat woord wordt dan nitgestooten op een toon, waarin de haat der verachting aan haar wreedheid botviert. En oog, en gelaatstrek, en gebaar verzeilen het giftige woord, als om het tot in het hart van den lijder thuis te brengen, en te genieten in de wonde die het aan dat hart toebrengt.

Dat is het wat ligt in die n ergerende mededeeling van den Evangelist, dat zij die voorbije/ ing en Jezus lasterden. Een laatste uitgieting der kwaadaardigheid. Een laatste poging om Jezus, eer hij stierf, nog dieper dan met geeselkoord of kroondoorn, te wonden in de gevoeligste plek van zijn hart.

Dat wonden met het woord heeft hier zoo geheel eenige beteekenis. De giftig geworden mensch.Arm wonden met het woord, omdat

God hem,

geheel eenig, boven alle andere creaturen, de gave van

het woord schonk.

De storm loeit, de leeuw brult, de slang sist, en reeds die hoorbare uitingen kunnen u met angst vervullen, maar het is nog het woord niet. Met het woord wonden, kan de mensch alleen, hij, die naar het beeld van God geschapen is. Hij stoot niet maar geluiden uit, maar gedachten, en in die gedachten kan hij gif mengen, en dan die gedachte vlijmend toescherpen, en aan die gedachte weerhaken geven, tot ze wondt, vergiftigt en zitten blijft. Christus is het Woord, het Woord dat in den beginne bij God en God was. En uit Hem is óns het ivoord toegekomen, de gedachte en de uiting der gedachte. Onze eere, ons Goddelijk privilegie, zoo dat woord en die gedachte ons uit den mond vloeiden naar het Goddelijk bestel. Maar ook onze diepste zelfonteering, zoo we die gave van het woord tegen het heilige richtten, en niet eere en lof, maar smaad en lastering voortbrengen, lastering om te kwellen en te dooden, waar het woord liefde ademen en leven wekken moest. En hier keert zich dit in smading omgezette woord tegen het Woord. Het is de Gever van het woord, die met zijn eigen gave gehoond wordt.

Het

is

uw

Jezus, die

ah

liet

Woord,

als

de Zone Gods, in zijn

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912

Abraham Kuyper Collection | 208 Pagina's

Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 147

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912

Abraham Kuyper Collection | 208 Pagina's