Afgeperst - pagina 40
HET GELE GEVAAR.
36
technisch
ga
de ontwii^lteling der
onderwijs,
van inlanders
Priaji's,
het studeeren
Nederland, en de daarvoor benoemde Commissie,
in
van harte met den heer Van Hoogstraten meê, maar inzake zijn betoog, als ik mij zoo mag uit-
ik
de Chineesche quaestie was
drukken, ook mij min of meer hors de saison.
Op
was
zichzelf
er
dan ook
niets
op aan
te
merken, dat de
woord van waarnoodig was het niet. Had de
Minister zijnerzijds in deze aangelegenheid een
schuwing kan
ik
hooren.
liet
de
Minister
zaak
Volstrekt
ongemerkt,
stilzwijgend
aannemen op wat
niet
wijs
laten passeeren,
dan
men onder de Chineezen
gesprokene door den heer Van Hoogstraten aanleiding hebben kunnen nemen, om dit in Indie op ons land, of bij de onderhandelingen met onze Regeering op onze diplomatie te wreken. Maar ik geef toe, dit had de Minister zelf te beoordeelen en achtte hij een woord van protest niet achterwege te mogen laten, dan zou ook hierover onzerzijds geen klacht gevallen zijn, mits het binnen zekere perken ware gebleven, maar .... juist dit liep zoo heel anders. De heer Van Hoogstraten had 69 regels gebruikt om zijn grief te uiten de Minister uit
het
zou
;
;
besteedde dik
hout
er
aan
77
zaagt
men
om hem planken.
terecht te zetten.
Het begon
al
Het ging van
aanstonds
vrij
kras
met de verklaring, dat de Minister „geheel met hem van gevoelen en dat „de gedragslijn, die
verschilde",
van de Chineezen wenscht gevolgd richting
te
hij,
Minister, ten aanzien
zien, zich
beweegt
in
een
diametraal tegenovergesteld aan die, welke de heer Van
wenschen dat hij insloeg". Nu zou men zoo Maar zeggen, daarmee kon de heer Van Hoogstraten het doen. „Hierbij kan ik neen, de Minister liet er terstond op volgen Hoogstraten
zou
:
het
evenwel
niet
laten".
Ook zoo zou
hij
vreezen,
dat
het
Van Hoogstraten gesprokene, zelfs „na de refutatie van de Regeeringstafel," nog een verkeerden invloed zoude kunnen hebben. Hij constateerde daarom nog eens opzettelijk, dat „de onderdanen van Chineesche afkomst te beschouwen zijn als voortreffelijke onderdanen van het Nederlandsche Gouvernement". Het was zoo, in Montrado hadden we 60 jaar geleden veel last van de Chineezen gehad, maar dit nam niet den
door
weg,
Chineezen die nu onze onderdanen zijn, „onderwaarop wc mogen prijsstellen". De verzachting in wegen- en passenstelsel aangebracht, was oorzaak geweest een regen van telegrammen was overgekomen om trouw en
danen het
dat
heer
dat
de
zijn,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Abraham Kuyper Collection | 120 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Abraham Kuyper Collection | 120 Pagina's