In Jezus ontslapen - pagina 17
,
gestadig sterven was, zonder eenige overdrijving betuigen kon, dat hij verlangend naar liet einde uitzag, en dat eindeloos te genieten, wat hij één oogenblik op den weg naar Damascus genoot, voor hem zoo zeer verre het beste was. Maar juist dat maakt dan ook dat zulk een zelfde woord op uw lippen slechts in die enkele oogenblikken waarheid kan zijn, als ge in hoog ernstige omstandigheden, er met uw geheele ziel inleeft, en dat ze klakkeloos na te spreken, terwijl geheel andere gedachten u vervullen, u niet verder brengt, maar achteruitzet en u went aan de holle, niet door uzelf doorleefde phrase. Ge spreekt dan Paulus na, maar spreekt zelf niet, en wat ge den gevangene van Rome naspreekt is geen waarheid in uw ziel. ,
,
,
Christus te zijn " heeft hier bij Paulus mystieke be„ Met teekenis. Hij wist zeer wel dat na een sterven op dat oogenblik alleen zijn geest van het lichaam afgescheiden tot de gestadige gemeenschap met den Christus zou zijn ingegaan. Hij voegt er daarom zelf bij dat hij begeerte heeft om ontbonden te worden d. i. losgemaakt te worden uit zijn zichtbare verschijning. Schrijft de apostel Johannes: „We zullen hem gelijk wezen, want we zullen hem zien gelijk hij is", dan doelt dit niet op wat terstond na het sterven intreedt maar op wat Gods kinderen ,
,
,
,
,
wacht na de wederopstanding. Zelf betuigt Paulus het dan ook „ Zoo we den Heere naar het vleesch gekend hebben, zoo kennen we hem nu niet meer naar het vleesch". Zijn sterke verwachting van met Christus te zijn, richtte zich dus niet op eenig lichamelijk aanschouwen, maar op zielsgemeenschap, niet op een staren in zijn heerlijkheid, maar op een genieten van geestelijke uitstroomingen. Daarom zegt hij ook niet: „met Jezus te zijn", maar „te zijn met Christus", want tusschen die twee namen ligt altoos het kenmerkend onderscheid, dat we aan Jezus denkende, in :
onze voorstelling
zijn
menschelijke verschijning voor ons halen,
van Christus sprekende het zielsoog ontdekken voor het Middelpunt van ons geestelijk heil. Het is wel zoo dat Paulus later de stille verwachting gekoesterd heeft van den dag van Jezus wederkomst te beleven, en zonder sterven, door wondere verandering, in de heerlijkheid in te gaan; maar daarvan spreekt hij hier niet. ,
,
Toen hij schreef, dat „ met Christus te zijn zeer verre het beste is", dacht hij aan ontbinding en aan sterven, om zoo als afgescheiden ziel geestelijk tot de volle gemeenschap van zijn te naderen.
Heiland
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Abraham Kuyper Collection | 236 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Abraham Kuyper Collection | 236 Pagina's