Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 87
Plotseling zal ze ontvlammen in geestdrift, in bewondering, in wat bijna aan aanbidding grenst. Hoe dikwijls had ze Jezus niet koning willen maken, en hoe snel viel ze met het Hosanna in, toen Jezus op de witte ezelin Jeruzalem binnenreed. Maar even snel ontvlamt haar booze hartstocht. En dan kan niets haar stuiten. Dan maakt het besef van haar overmacht haar overmoedig, dwingziek, onverbiddelijk. Vraagt ze eenmaal om bloed, dan moet dat bloed ook vloeien, en vergiftigt de booze lust van het doen sentwe mori haar gegil. Want dat stormachtig roepen: Kruis licm, kruis hem! dat was Jezus vooruit reeds kruisigen, nog eer hij op (lolgotha was. Het was hem vooruit reetls al den angst en schrik doen doorworstelen, die zulk een uitbarsting van wilden hartstocht in de ziel werpt. Jezus was niet van steen, maar mensch met een menschelijk hart, en in dat menschelijk hart de fijnste aandoenlijkheid. Men spreekt wel eens van pachyderme personen, die als gepantserd en onkwetsbaar te midden van het gehuil van de woedende menigte staan. Maar zoo was uw Jezus niet. In hem werkte het gevoel teederder en fijner en aandoenlijker, dan het in één onzer kan werken. En wat wij bij dat hooren roepen van kruis hem, kruis hem! nooit gegist hebben, dat heeft uw Jezus onder dat moordgeroep in zijn zielsangsten doorworsteld en doorstaan. Toen eindelijk Pilatus hem overgaf en de storm van hartstocht tot bedaren kwam, lag er in dat vonnis van doem voor Jezus een '
verademing.
"Want merk er op, hoe zulk een ure der boosheid reeds bijna niet te doorworstelen is, voor wie alleen bedacht is op eigen lijfsbehoud, en onderwijl de schare, die hem als een losgelaten wild dier aangrijnst, in de bitterheid zijner ziel haat en vloekt. Dan werkt hartstocht tegen hartstocht in, eigen bitterheid ontwapent de bitterheid der menigte, en ten slotte herstelt zich het evenwicht, als wel de menigte voortgïlt, maar de eenling als held met een giftig wapen overwint. Maar zoo was het hier niet. Ook in die ure der razernij, waarin Jeruzalem den vloek over zich inriep, begaf uw Jezus geen oogenblik de aandrift der liefde. Dat volk dat om zijn bloed riep, was zijn volk, het volk van G-od, naar de verbonden. Het was het volk van zijn maagschap, waaruit hij zijn Vleesch en bloed had aangenomen. Het volk zijner broederen. Het volk, waaraan hij, vóór alle andere volken, het heil bereid had.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Abraham Kuyper Collection | 208 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Abraham Kuyper Collection | 208 Pagina's