Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 81
69
van Jeruzalem waren, en immers de rechtbank of de rechter zou zonder zweem van verzet in Jezus' dood bewilligd hebben. Wat gaf onder zulke volken een rechter om eens mensenen leven? Doch dan zou wel die Parth of die Syriër of die Egyptenaar zich aan Jezus vergrepen hebben, maar de wereld als zoodanig zou niet aan den gerechtelij ken moord van Gods eerstgeborene schuldig staan. Het zou een particulier schandstuk van dezen satraap of van dat reehtsverkrachtend volk zijn gebleven, en ons als menschheid niet aangaan. Christus' kerk heeft dat gevoeld, en daarom in haar geloofsartikelen er bij beleden: geleden onder Pontius Pilatus. Niet als een overtolligheid. Niet als herinnering aan een toevalligheid, die tot de zaak niet afdoet. Neen, als een stuk belijdenis, alsof ze zeggen wilde De Keizer van Eome was heer der gansche wereld in gansch de wereld was geen edeler ontwikkelde rechtspraak dan die van den Eomeinschen rechter uitging; en in naam van dien Keizer der gansche wereld is door wie als rechter in die hoogst ontwikkelde rechtspraak optrad, Jezus overgegeven tot den wreeden kruisdood. Zoo dus staat heel de wereld aan zijn hardeh dood schuldig, en was het 't hoogste recht, onder mensehen gevonden, dat zich aan Jezus vergreep. Zoo is het wel waarlijk de wereld als wereld, de menschheid als menschheid, die Jezus ten doode verwees, en kan niemand onzer zijn handen in onschuld wasschen, maar hebben wij allen saam ons aan te klagen en onze doodschuld te belijden voor God. Daarom is het dan ook, dat de Evangelisten ons van het proces bij het Sanhedrin zoo kort, van het proces bij Pontius Pilatus zoo omstandig bericht geven. Niet op wat het Sanhedrin in wild fanatisme uitgïlde, maar op hetgeen Pontius Pilatus in kalm uitgesproken vonnis zou oordeelen, :
kwam En
het hier aan. Pilatus is er voor teruggedeinsd. Hij heeft gevoeld dat het onrecht was. Hij heeft niet gewild, hij heeft eerst niet gedurfd. Hij heeft zich uitgeput in uitvluchten, om het Sanhedrin den mond te stoppen. A\r illens en wetens iemand, wiens schuld verzonnen was, wiens onschuld zonneklaar bleek, toch aan den scherprechter over te geven, was voor een Eomeinsch rechter gruwelijk, laf en eerloos. En dat Pilatus in die worsteling ten leste toch bezweek, dat was óns bezwijken; de rechtsverkraehting aan Hem, die stierf om óns recht bij God te herwinnen.
ontkomen ware nog den kbaar geweest het menschelijk had nog tegen die rechtsverkraehting in verzet kunnen komen.
Slechts één gevoel
:
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Abraham Kuyper Collection | 208 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Abraham Kuyper Collection | 208 Pagina's