In Jezus ontslapen - pagina 162
,
152
nu het Opperbestuur en het Hoog gezag over hemel en aarde Godes. Maar, zoolang de zonde niet vernietigd, Satan nog niet voor eeuwig gebonden, en de laatste vijand (d. i. de Dood) nog niet te niet gedaan is, kan de gemeenschap van den Driemaal Heilige met zijn schepping nog niet rechtstreeksch en onmiddellijk zijn, en wordt de heerschappij gevoerd middellijk door den Middelaar.
En
het Verlossingswerk, ook in zijn tweede stuk. wezen, en alle nevel van zonde voor altijd zal zijn opgetrokken, om nooit weer te keeren, dan eerst zal alle verhindering tusschen den Heilige en zijn dan weer geheiligde Schepping zijn. weggevallen. Er zal geen vijand meer wezen die zich roeren kan. En wanneer alzoo God zelf, rechtstreeks, weer alles in al zijn heiligen zal zijn, dan zal het Koningschap van den Middelaar een einde nemen en de Middelaar dit interimaire koningschap afleggen, om het Koninkrijk weer rechtstreeksch Godes te doen zijn. Niet alsof de Tweede persoon der Drieënheid hier buiten zou staan. Dat kan niet. Vader, Zoon en Heilige Geest zijn ondeelbaar één in macht en wezen. Maar dit is het onderscheid, dat dan niet meer Jezus Christus als de God-mensch maar de Zoon met den Vader en den Heiligen Geest als God die Koninklijke heerschappij over hemel en aarde zal uitoefenen. eerst
voleindigd
als
zal
,
,
,
,
Maar ook in dien nieuwen toestand, die dan ingaat, en die de historie der wereld besluiten zal, blijft toch ook de Godmensch het Vleeschgeworden Woord het Hoofd des Lichaams. Christus onze Heiland, voor alle heiligen Gods het punt van vereeniging. De Zoon zal zijn menschelijke natuur niet afleggen, maar behouden. Verheerlijkt zal hij heerlijk onder zijn verheerlijkten zijn. En eeuwiglijk zal het aller jubel blijven, dat ze alsdan altijd met den Heere zullen wezen. Die nu reeds in Jezus ontsliepen, genieten dit heil nu reeds, maar toch op andere wijze. Paulus zegt zelf van zijn sterven vóór Jezus wederkomst op de wolken .Ik heb begeerte om ontbonden te zijn en met Christus te wezen, want dat is zeer verre het beste." (Fil. 1 23). Maar in dien tusschentoestand draagt Jezus zijn verlosten nog door zijn Verlossingskracht. Liet de Middelaar hen ook maar één oogenblik los, ze zouden zinken. Ook in hen is God nog niet alles geworden. Ze staan nog onder het koningschap van hun verheerlijkt Hoofd, en zijn nog niet in het rechtstreeksche Koninkrijk des Vaders. Ook kun band aan het eeuwige Wezen is nog in den Middelaar. ,
,
:
:
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Abraham Kuyper Collection | 236 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Abraham Kuyper Collection | 236 Pagina's