Zijn uitgang te Jerusalem - pagina 90
Konden diezelfde soldaten thans uit hun graf opstaan, en de uitkomst van het drama, dat in G-abbatha en op G-olgotha is afgespeeld in den loop der historie met eigen oogen aanschouwen, hoe verbaasd en verwonderd zouden ze niet staan. Het rijk van hun oppermachtigen keizer sinds veel meer dan duizend jaren spoorloos van het aardrijk verdwenen, en die gevonniste Rabbi van Nazareth heel de wereld door aangebeden als meer dan Divus Augustus, als Koning der koningen, als van God gezonden Eedder der wereld, als aller Heere en aller God. Hierin nu spreekt zich de worsteling uit tusschen twee heel het menschelijk leven beheerschende machten, de macht van het geweld en de macht van den geest. Die tegenstelling komt op uit onze tweeheid, uitkomende in ons lichaam en in onze ziel. Die twee hooren bijeen. In zuivere harmonie moesten ze samenwerken, de ziel heerschend, het lichaam dienend. Maar beide weken van elkaar af. De macht van het lichaam, cle hand die greep, de voet die vertrad, ging op zich zelf staan, ging tegen cle macht van de ziel in. Het ruw uiterlijk geweld kwam op. Het schijnrecht van den sterkste, d. i. van het sterkste lichaam, en hiermee saamgaande de onderdrukking, de vernedering, de vertreding, de overweldiging van die innerlijke macht, die opwerkt uit de ziel. Maar die zielsmacht, die macht des geestes gaf daarom geen kamp. Ze hield de worsteling vol. Niet met het wapen van geweld, maar met het wapen des duldens, des stillen lijdens, der protesteerende onderworpenheid. En waar de zielsmacht onderlagen vertrapt werd, daar zag nog het stervend oog het oog van den wreedaard met een blik aan, die hem innerlijk wondde en geestelijk overwon.
Die worsteling tusschen de zielskracht van den geest en de overmacht van de sterke hand, gaat nog dieper dan de tegenstelling tusschen ziel en lichaam, ze vlijmt tot in de verhouding waarin God tot zijn schepsel, en het leven des hemels tot het leven dezer aarde staat. God is Geest en schiep door geesteskracht heel dit aardrijk dat voor oogen is, en als ge uw blik opheft tot de hemelchoren om Gods troon, is het alles één heir van geesten, met niets dan geestelijke krachten gewapend, die de dragers zijn van zijn almachtigheid. Deswege komt ook hier beneden, al wat uit God in menschen welt, geestelijk uit, en is het de verheffing des geestes alleen, die ons leven met het leven des hemels doet ineenvloeien. En tegen die macht worstelt het geweld van den sterkere op aarde in. Zoo doet de roover die den reiziger overweldigt, moordt
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Abraham Kuyper Collection | 208 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 januari 1912
Abraham Kuyper Collection | 208 Pagina's