Der Jongelingen sieraad is hun kracht - pagina 20
DER JONGELINGEN SIERAAD
18
HUN KRACHT.
IS
En naast dezen stand der Intellectueelen vraagt ons maatschappelijk leven om handige mannen op 't kantoor, om vooruitziende toovenaars op handelsgcbied, om wie leiden en arbeiden zal in de fabriek,
om
wie
magazijn en winkel aan
in
om mannen Wie
kracht
wordt
mist,
Daarom moogt ge
uw
in
;
wordt opgetild en gaat overstag.
hij
voorbereiding voor
vertragen, niet achterblijven, niet zelf In
uw
uw
levenstaak niet
eigen toekomst verspelen.
de 16e eeuw deden onze Christelijke Jongelingen
keerd.
Ze wonnen het
alle
vreemden
maakte toen vanzelf
fortuin.
om den roem
vaderland
van
't
op
aan.
drukke maatschappelijke leven
het
in
eenvoudig opzij gedrongen
't
komt
Jongelingen,
der
voor den Landbouw en
En ook bij dat alles komt 't op kracht en sterkte
voor onze Koloniën.
sieraad
het
concurrentie het hoofd
alle
om mannen
kan bieden, en ver daarbuiten
omge-
Een Calvinistisch jongman
af.
Zelfs naar te
juist
't
buitenland togen ze
uit,
verhoogen. Zeker, het zielsleven
gaat voorop, en staat veel hooger, maar toch gaat ge, naar het getuigenis der historie, lijnrecht in tegen wat de Vaderen bestonden,
zoo
wat
om
ge
het geestelijke het aardsche leven verwaarloost;
kerkelijk getint
is,
om
het maatschappelijke als ondergeschikt aan
uw
om juist als belijders, juist als Calvinisten, elk in uw beroep en uw bedrijf, ja, in heel uw levenspraestatie, boven anderen uit te munten. Ook hier
anderen overlaat; en niet ook
geldt het een wedstrijd,
ge veeleer
warm aan
zelf
waar ge u
deel
roeping voelt,
niet buiten
moet nemen, èn voor u
kracht te openbaren, èn voor
uw
ons de winst poogt aftesnoepen
zelf
om uw
volle
land en volk omdat het buitenland ;
maar dan ook voor den breeden
Christelijken kring in Nederland, die niet in
sterking vraagt, juist
moogt houden, waar
't
minst
om
Sociale
deswege den exponent van het Calvinistisch
gedijen niet missen kan, en zelfs geldelijk de middelen niet derven
mag, die ge alleen aan het maatschappelijk leven kunt ontwoekeren.
En nu dan
tenslotte het zegel
toch, zoo hoor ik ik toe, dat
springen,
u,
uw vereeniging als
dat aller pols als 't
Bond. Gul
van ouden stempel roepen, gul geef
onze jonge mannen slootje
rozentint van
we met
den man
op
als
de beste moeten kunnen
een hamer moet kloppen, en dat de
bloed hun facie moet kleuren. Niet minder voelen
dat onze jonge
mannen
in
't
geloof geen zwiebelaars,
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1913
Abraham Kuyper Collection | 28 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 januari 1913
Abraham Kuyper Collection | 28 Pagina's