Van strak gespannen snaren - pagina 42
18 vertroost!
Toen
een kind was, vleide
ik
ik
wel
't
hoofd tegen
wat van haar begeerde, en o met wat goede moederoogen zag ze mij dan aan! Maar wat is de moederliefde nog bij de ontfermingen Gods? O, wat is 't de borst mijner moeder,
ik
Goddelijke barmhartigheid en goedertierenheid
heerlijk, zich in die in te
als
„Och Heer, erbarm u over
wikkelen en te schreien:
mijne
ellende." 't
Is
zoo volkomen waar, wat een Duitsch versje zegt:
Wer
glaubt, der
ist
grosz und reich,
Er hat Gott und Himmelreich! glaubt, der ist klein und arm,
Wer Und Dit
schreit nur:
„Gott erbarm!"
gelooft, die
is
is:
Wie
Hij heeft
Wie Hij
God
groot en
rijk.
en hemelrijk!
gelooft, die
is
roept slechts;
klein en arm.
„Dat de Heere
zich erbarm!"
„Heere, erbarm U!" Geliefde gemeente, laat dat onze, ook
uwe bede blijve! Laat 't uw bede blijven voor uwen leeraar, die mede zoo zwaar door des Heeren Hand is bezocht. Laat 't óók uwe bede blijven voor
uw
u liefhebbenden oud-leeraar R.
J.
W. RUDOLPH.
Amersfoort, 30 October 1913. Geliefde gemeente!
Na
een goede kuur en een voorspoedige reis ben ik verleden mijn vrouw te Amersfoort aangekomen.
week Woensdag met
We
vonden
thuis
allen
wel,
over dagen met ons
en ons hart vloeit thans
van dankbaarheid aan den Heere, Die ons zóó nabij is geweest; van dankbaarheid aan
in moeilijke
allen, die
hebben medegeleefd, ons hebben verkwikt met hunne brieven.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1914
Abraham Kuyper Collection | 144 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1914
Abraham Kuyper Collection | 144 Pagina's