Geheugen van de VU cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van Geheugen van de VU te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van Geheugen van de VU.

Bekijk het origineel

Van strak gespannen snaren - pagina 109

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Van strak gespannen snaren - pagina 109

2 minuten leestijd

85 hecht zich 't geloof steeds vaster aan Hem, Die een afgesnedene zaak op aarde doet, en Die Zich wendt tot het gebed desgenen, die gansch ontbloot is. Wie beschrijft den troost, dien dit geloof medebrengt? Dit geloof onderwerpt zich afgesneden,

volkomen aan Gods souvereinen, wijzen en heiligen 't blijft tegelijk hopen, waar allen wanhopen.

Hoe

gtooter kruis, hoe vuriger

stormwind, die

't

liefde.

De

wil;

verdrukking

liefdevuur hooger en hooger

doet

maar is

de

oplaaien.

Het „God heb ik lief!" van den llóen psalm ruischt inniglijk op uit den diepen bodem des harten. Die liefde is het leven, dat den dood niet vreest, maar met den dood eerst tot zijn rechte uiting komt.

Zou

ik

dan

't

kruis niet kussen, dat zulken

zegen brengt?!

Hoe

grooter kruis, hoe schooner kroon.

Je gröszer Kreuz, je schoner Krone,

Die Gottes Gnad uns beigelegt, Und die einmal vor seinem Throne Der Uberwinder Scheitel tragt, Ach, dieses teure Kleinod macht, Dasz man das gröszte Kreuz nicht achtet.

Dat

is:

Hoe

grooter kruis, hoe schooner kroon, Die Gods genade heeft toegelegd. En die Hij eenmaal voor Zijn troon, Om 's overwinnaars schedel vlecht. Ach, dit duurzaam kleinood maakt

Dat

't

grootste kruis als niets

is

geacht.

Gehefde gemeente, hoe 't hier op aarde ook met u en mij dengenen, die den Heere Hefhebben, werkenfalzoo^alle dingen mede ten goede. Laat ons dit vasthouden! Laat de Azafswensch de onze zijn: „Maar mij aangaande, het is mij goed, nabij God te wezen." Met Mozes zullen wij dan eenmaal aan des Heeren mond mogen ontslapen. Daartoe zij de Heere met u en met mij! ga,

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1914

Abraham Kuyper Collection | 144 Pagina's

Van strak gespannen snaren - pagina 109

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1914

Abraham Kuyper Collection | 144 Pagina's