Van strak gespannen snaren - pagina 59
35 te zien op Hem, van Wien alle dingen Vooral de wijn- en ooftbouw schijnen dit jaar vele teleurstellingen te hebben gehad. Dit gaf den leeraar aanleiding om de paradox uit te spreken, dat wij vooral in slechte jaren den Heere niet 't minste moeten danken. Hij bewees deze schijnstrijdige stelling met de juiste opmerking, dat wij eerst in dagen van krankheid de gezondheid recht leeren waardeeren, en alzoo ook in jaren van teleurstelling niet alleen voor de tegenwoordige, maar ook voor de vroegere zegeningen Gods den Heere recht leeren danken. Bovendien, op een dankdag behoeven wij niet alleen te danken, maar mogen wij ook bidden tot Hem, die sprak: „De Heere is nabij allen, die Hem aanroepen, die Hem aanroepen in der waarheid." Laten we 't doen in 't besef, dat wij alles hebben verbeurd. Laten wij 't doen in waar geloof. In der waarheid. Deze heerlijke preek geeft mij wederom stof tot veel denken. Wanneer ik hetgeen ik heb verdiend vergelijk met hetgeen de Heere mij thans oplegt, och, wat heb ik dan nog stof tot danken. Tot danken aan Hem, van Wien de dichter van den 103en psalm jubelt, en van Wien mijne ziel 't meejubelt: „Hij
oogst naar boven
afhankelijk
zijn.
doet ons niet naar onze zonden, en vergeldt ons
niet
naar
onze ongerechtigheden."
maak een tweede
weeg, wat
door mijne zonde heb verdiend, af tegenover den rijkdom van weldaden, waarmede de Heere mij vooral in deze dagen omringt. Dan gaat 't mij wederom als den dichter van den 103en psalm. De zegeningen Gods worden als een heerlijke tempel voor mij, en in 't midden daarvan roep ik als een beweldadigde tollenaar Ik
vergelijking, en
ik
„Loof den Heere, mijne ziel! en al wat binnen in mij is. Naam. Loof den Heere, mijne ziel! en vergeet geen van Zijne weldaden." Ik maak een derde vergelijking. Ik denk aan 't geen ik mij door mijne zonden heb waardig gemaakt, en vestig dan 't oog op 't lijden van den Heiland, die onschuldig zoo nameloos veel leed voor schuldigen, om voor dezen een eeuwig behoud te verwerven. Ik lees tegenwoordig bijna dagelijks in 't schoone boekje van Thomas a Kempis: „Meditatiën over het leven van Christus." Welk een beschaming, maar ook welk een troost uit:
Zijnen heiligen
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1914
Abraham Kuyper Collection | 144 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1914
Abraham Kuyper Collection | 144 Pagina's